Kerkvisitatie te Utrecht in 1868 - pagina 201
met het oog op den kritieken toestand onzer kerk.
47
omdat de zaak
den zal, in
einduitspraak niet meer
bij
haar geheel zou kunnen gebracht worden, dat
echter
zich
hij
op
niet
officiëele
wijze tot het
Provinciaal Kerkbestuur, als het eerste opklimmend in
rang,
volgens
kan, is^
daar
om
14
art.
bezwaar
zijn
beslissing
in
deze wenden
juist tegen dit bestuur gericht
op welks last door het Classicaal Bestuur
maatregel dat
hij
tot
dezen
overgegaan,
is
zich evenmin op officiëele wijze tot de Syno-
Commissie kan wenden,
als
in
rang volgend op
het Provinciaal Kerkbestuur, daar
hij
zich wel in wer-
dale
maar
kelijkheid,
niet formeel door dit Bestuur
bezwaard
kan rekenen, dat
hij
aanwijzing
derhalve ,
gemis in onze wetgeving van eene
bij
hoe zich een lager Kerkbestuur in zulk een
gecompliceerde verwikkeling te gedragen hebbe, besloten
heeft
bij
uitvoerige
Memorie
aan het Classicaal Bestuur kenbaar
te
zijn
gevoelen
maken,
en ter voorkoming van het vermoeden
,
als of het
Provinciaal Kerkbestuur in deze zou zijn voorbijgegaan,
de
eer
besluit
heeft
en
de
hierbij
een afdruk van het Kerkeraads-
Memorie
op
die
zaak betrekking
deze
hebben aan het Provinciaal Kerkbestuur van Utrecht toe te zenden.
De Kerkeraad voornoemd. (getj
A, J.
KuYPER, C.
l.
Fraes.
Vehhoeff,
l.
Scrihae.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1868
Abraham Kuyper Collection | 281 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1868
Abraham Kuyper Collection | 281 Pagina's