Kerkvisitatie te Utrecht in 1868 - pagina 163
met het oog op den kritieken toestand onzer kerk.
Uw
Collegie een der tuchtmiddelen te
moeten aanwen-
den, dat de aard van uwe daad medebrengt en waartoe
45 van het Algemeen Reglement (vgl. met art. 49 van het Reglement voor Kerkelijk Opzicht en Tucht) art.
ons de bevoegdheid geeft.
Het
daarom dat
is
wij liever vooraf volgens art. 4 van het Reglement voor Kerkelijk Opzicht en Tucht,
de ter onzer kennis gekomene verkeerdheid door raad-
en waarschuwing voor de bedroevende gevolgen
geving
van uwen stap willen trachten gelijk
uwe
doen
wij
om
bereidwilligheid,
uit
Wij
deze.
bij
den
den weg
stellen
te
vertrouwen op
uitwendigen vrede van
onze reeds zoo jammerlijk verdeelde Kerk niet
maar
veeleer, zoo veel in
U
ruimen,
is,
te
te storen
helpen bevorderen,
en verwachten van uwen Christelijken ernst, dat
het
gij
door ons geschrevene
wel
nemen
op uwe daad zult willen terug-
zult, zoodat gij
in
overweging en ter harte
komen.
In dat vertrouwen en in die verwachting zen-
den
ü
wij
een
hiernevens
vragen der Kerkvisitatie in vorige jaren,
,
haar in
onbeschreven tabel van de
met het verzoek om te
,
even als
vullen en ingevuld aan ons
terug te zenden vóór of uiterlijk op den l^^len dezer.
Wij heid
eindigen met die
van
boven
U
hartelijk toe te bidden de wijs-
is
en
ons door Jacobus (3
;
17)
wordt aanbevolen.
Het Classicaal Bestuur van Utrecht, i^gei.)
J.
H. Bösken, Praeses.
J.
P.
Briët, Scriba.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1868
Abraham Kuyper Collection | 281 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1868
Abraham Kuyper Collection | 281 Pagina's