De Nuts Beweging - pagina 34
DK „NUT3"-BEWEG1NG.
80
Het is noodig op „Nut", het oog
dit
wezenlijk goede element in
van opgang, die het al aanstonds bij zijn optreden maakte. Niets leeft of het moet levenskracht bezitten, en de wondersnelle groei van het „Nut" toont dus dat het die innerlijke kracht in zich droeg. Natuurlijk waren ook hier de beginselen het moeilijkst; maar toch reeds in 1790 was zijn ledental tot over de duizend dat zijner Departementen tot 17 geklommen. In de daarop eerstvolgende jaren won het eerst met een periode van vier, na '98 met een periode van drie na 1 804 zelfs met een van twee te vestigen ter verklaring
het
den
ongelooflijken
,
,
jaren, telkens
eennieuw duizendtal leden
aan.
Het
toppunt van haar bloei had de maatschappij eindelijk
van 310 departementen van bijna 15000 leden aan kon wijzen. Eerst sints 185o is hierin een merkbare teruggang te bespeuren, zoodat haar ledental thans weder met ruim duizend verminderd is, vergeleken bij het hoogste cijfer, dat ze eenmaal in het zenith van haar bereikt, toen het op een kader
bogen en een
tal
bloei bereikte.
^)
M.
v. t. A. met 3 dep. en 344 leden. 1184 leden. Dit was in 1793 tot 26 (Iep. en 2147 leden geklommen. In 1798 was het derde duizendtal in 3362 leden reeds overschreden. In 1801 klom dit tot 4132 leden. In 1804, dus nog met een periode van 3 jaren, tot 5247 leden. Maar sinds brengt elk tweetal jaren een nieuw duizendtal aan. In 1806 stijgt het cijfer van 5000 tot 6000, in «808 van 6000 tot 7000, en zoo voort'» tct eindelijk in c. 15000 het mamumtix bereikt is. ^De vermindering sints 1853 was ongeveer aldus: In 1853 in 303 departementen 148S6 leden. 1856 gedaald tot 14398 1863 14009 „ „ 1865 13913 ,, „ 1867 158IG „ „ „ Een verschil dus met '53 van 1040 leden. Het getal der departementen, eenmaal tot 310 leden geklommen, is insgelijks aan het afnemen; het was in '67 tot 297 gedaald. Een achteruitgang van 13 departementen. ')
In
1785 begon de
In
1790 telde
Hieraan
gang
hechte
zij
men
17
dep.
t.
N.
en
intusschen minder, daar de wcnzenlijkc achteruit-
op de dorpen maar in de steden moet gezocht worden, en de levensduur der stedelijke departementen nog voor langen
der
tijd
massa's
niet
verzekerd
is.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1869
Abraham Kuyper Collection | 92 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1869
Abraham Kuyper Collection | 92 Pagina's