Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Zestal leerredenen - pagina 167

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zestal leerredenen - pagina 167

Bevat: Nabij God te zijn ; Bedestond op den Hervormingsdag ; Christus, de bron van zedelijke kracht ; Schuldbesef ; De vloek der verstandsrichting ; Maria bij het kruis

2 minuten leestijd

MARIA

Wat ge uw eigen

Maria zaagt

bij

ziel:

al

HET KRUIS.

BIJ

een

slechts

vergetene, een

zwakke, een verachte naar de wereld, wereld voor

moest

Hij

u.

zwaard mocht moest

die voor

Ilij

heeft een hart vol goddelijke Uefde

stierf,

wonden door

u

63

dat gevoelt ge dan ook aan

,

ge

zijt

i

niet van voor

uw

kruis, het

zijn

maar

afgewend,

ziel

de

ook

door de diepst-liggende vezelen snijden, an-

tot

mensch der zonde

ders stierf de

in

u

nooit.

Maar het Hij u

Beeld des barmhartigen Vaders dragende, heeft niet van harte

gewond

doch gewond

,

om

u

te

genezen

u terneergeworpen om u op te richten: u gedood om u ten leven op te wekken u bedroefd om u te troosten. Of lag er dan voor u geen troost in dien blik der Uefde waarmede uw Heiland u aanzag, als ge maar eerst den blik van zijnen toorn had verduurd ? Was het :

geen indrinken dat goddelijk

een reiner

van

licht

in dien blik,

leest

Plem niet vreemd

ziel

is,

weer op nieuw van

zijn

van

tot Christus

dat het gelaat

dat Hij ons kent, ons

mint en liefheeft en ons telkens aanziet rig

liefde, als uit

golfslag glansen als

u toestroomden? O! wie zoo

op mag zien, en het onzer

meer dan aardsche

oog met zachten

,

om

ons gedu-

onuitdoof bare liefde

te ver-

zekeren, wat zou zulk een welbeminde des Heeren nog

behoeven. Neen, in dien blik ligt zijn woord: dat woord van verzoening, dat ons het Evanrijker

troost

gelieblad vertolkt:

dat

woord van vrede,

zacht door de ziel ruischt

,

waar we

in

den

dat ons zoo strijd schier

bezweken, ons opbeurt en verheft, waar we in moedeloosheid wegzonken. O, die blik van Jezus spelt ons ons heil,

onzer Maria

de rijke gave niet het minst, die ons de Trooster ziel bij

ons

bereid heeft.

Want

dat kruis ontvangen kon,

ja,

meer nog dan

schenkt Hij aan de

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1869

Abraham Kuyper Collection | 173 Pagina's

Zestal leerredenen - pagina 167

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1869

Abraham Kuyper Collection | 173 Pagina's