De Hollandsche gemeente te London in 1570/1 - pagina 36
438 werd door
Dit
oude
de,
partij
als
een openlijke beleediging aan haar
beschouwd,
adres
zoodat ze niet slechts dreigend en onstuimig bij het Consistorie voor Enghelrara in der bres sprong, maar ook niet schroomde openlijk van de «sla'vernije van het Coetus" te klagen, en zelfs zulk een
gisting
weeg bracht, dat
te
en complicen
tweedrachten
versameiden gelijk zij,
er bericht
versamelinghen
inkwam,
hoe »Saal, Dottignies
waeruyt vele twisten factiën en onder de gansche gemeente ontstonden, ende niet alleene hielden
,
,
deselve persone in de kercke
vertoonder.^,
maer ook buuten op
,
Sondaeghe avonds zeer
late selfe gesien
straat,
hadden."
Deze agitatie had echter een tegenovergestelde uitwerking. Nu vooral meende de Kerkeraad niet te mogen wijken, en ging diensvolgens reeds den 25ste" Februari tot de tweede voorstelling aan de gemeente over. De excommunicatie stond thans derhalve voor de deur. Het was het eenige waartoe de Kerkeiaad kon komen, zoo Enghelram weigerachtig bleef, het lioofd in den schoot te leggen. Nog eens beproefde men daarom alle middelen van overreding. Tot driemalen werd er een vergadering met de Diakenen gehouden. Een Commissie uit het Coetus had ten huize van Ds. A. Pouchel een ernstig onderhoud met den delinquent. Men verklaarde zich bereid zoo veel maar immer mogelijk hem toe te geven. Maar niets mocht baten. Onverzettelijk bleef Enghelram bij zijn weigering volharden en men was derhalve reeds bijeen gekom en om tot de excommunicatie over te gaan, toen op het onverwachts Enghellam deed, wat eens Ds. van Wingen had gedaan, een «brief van empêchement" ve rtoonen van de zijde des Bisschops. Ditmaal echter had de oude partij met deze » letteren van inhibitie" ,
,
,
Immers nadat beide partijen door den Cangehoord en de wederzijdsche processtukken onderzocht \a aren, werd
zich zelf den kuil gegraven. celier
het
Consistorie
doen
van
sistorie
volkomen
verklaren
ghelrani's
in
het
gelijk
gesteld en
openbare schuldbekentenis veroordeeld. ,
dat
brochure
Enghelram's
ze
strengste afgekeurd.
tot het
»de leer van de Overheid" gelijk die in En-
was uiteengezet,
weerspannig,
Enghelram
Wel moest het Con-
twistziek
Openlijk moest
van
bij
heeler harte
onwaardig
en
aannam, maar werd ten
gedrag
de belijdenis zijner schuld,
die door
den Cancelier was geredigeerd
ge-
met het ja-woord bevestigen, en zijn positie in de gemeente was hierdoor zoo pijnlijk geworden daj liij reeds den IQden April 1574 zijn attestatie van lidmaatschap opvroeg en Londen metter woon verli et om zich te Cantelberg te vestigen. Ook zijn proces bewees dus, hoe mo eilijk het in Jesus' Kerk is, moedig lijk
,
,
,
en onwrikbaar het lecht van waarheid en ord e te handhaven, te -
voelen,
maar des
moet dan
ook een vergelijking met het
heden ons doen ge -
hoezeer onze
lauwheid van geest door de
nooit- wij kende
dieper
liarding onzer vaderen wordt be.schaamd.
vo l-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1870
Abraham Kuyper Collection | 40 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1870
Abraham Kuyper Collection | 40 Pagina's