De Hollandsche gemeente te London in 1570/1 - pagina 6
>
y.
:.;:aij '
138
Reeds in 1550 was het ^etal dezer ballingen te Londen zoozeer geklommen, dat de Engelsche regeering het oogenblik gekomen achtte zich hunner aan te trekkeji en bij Koninklijk decreet van Eduard VI den Poolschen Hervornier Ivan Lasky den last opdroeg, de Vlaamsche ,
;
vluchtelingen
tot een Avel*eordende gemeente te verbinden, die te zaam met de Waalsche en Italiaansche kerken te Londen aan zijn opper-
toezicht zou onderworpen zijn.
Uitstekend kweet a Lasco zich van die Koninklijke opdracht, en eer nog een jaar voorbij was, verblijdde onze Hollandsche gemeente zich reeds in een keurig geordend Kerkbestuur en in een niet minder keurig
bewerkt handboek voor den eeredienst, dat spoedig daarna door Utenhoven met een oorspronkelijke psalmberijming Averd verrijkt. Ongetwijfeld zou deze gemeente zich dan ook in heerlijken bloei hebben verheugd, zoo het Gode niet behaagd had reeds in 1553 haren Koninklijken Beschermer ten grave te doen dalen. Eduard de VI^ stieif en de ledige troon werd door de katholieke Koningin Maria,
de Gemalinne van Spaanschen Koning Fiiips, ingenomen, die dus èn krachtens haar katholiek geloof èn krachtens haar echtverbintenis met Fiiips geen oogen-
den
,
blik
het
voortbestaan
eener
Hollandsche
ballingen-gemeente
in
haai-
Koninklijke hoofdstad dulden kon. Plotseling
spatte dan liet groot e deel ook de gemeente uiteen. naar de schepen en zocht ontkoming bij Christiaan van Denemarken. En die het nog waagden achter te blijven moesten zich vluchtte
,
zoo
zorgvuldig voor het spionnenoog van Maria's inquisiteurs schuilhouden, dat er van een samenkomst der gemeente geen sprake meer kon zijn.
zijn
Haar kerk
in Austrinfriars
werd door Maria smadelijk in een magahaar kerkeraad ontbond zich en
voor marinescheepstuig veranderd
haar leeraars togen over
;
zee.
Eerst na Maria's dood en de troonsbestijging van Koningin Elisabeth
kwamen
onze ballingen weer uit hun schuilhoek te voorschijn, en schaarden dankbaar om Ds. Adriaan van Haemstede die op het eerste bericht hunner bevrijding uit Oost-Friesland naar hen was overgestoken. Toch
zich
,
,
hoe geschikt van Haemstede ook was
om
den lang bedrukten een wooid
troost en opbeuring toe te spreken, hij was niet de man om de ontbonden gemeente weer op de oude grondslagen te herstellen. Of Haemstede zelf met de gevoelens der Dooperschen behebt was, is nog
van
moeilijk te beslissen,
maar zeker
is
het, dat
hij,
te
Londen gekomen
de
,
onvoorzichtigheid beging, zich te eng aan de Dooperschen, die zich daar opiiielden
,
aan
te
sluiten en hierdoor in zeer ernstig geschil geraakte
met
ürindall, den Bisschop van Londen. Waarschijnlijk zou hierdoor de herstelling der
gemeente
zelfs
geheel mislukt zijn, zoo niet nog juist
bij tijds
en de Ouderling Utenhove uit Frankfort waren overgekomen, die èn door het gezag van hun vroegere ambtsbetrekking èn door Ds. Peter Delenus
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1870
Abraham Kuyper Collection | 40 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1870
Abraham Kuyper Collection | 40 Pagina's