Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Tweede zestal leerredenen - pagina 120

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Tweede zestal leerredenen - pagina 120

2 minuten leestijd

,

DE HEERE ONZE ROTSSTEEN,

118

De Heere onze God dus de gij

uw

Geheel

riep.

gehouwen

tenis

de kracht die u ten leven

uw

wezen, heel

uit

aanzijn, al

den rotsgrond van

zijn

uw

beeld-

almachtig,

Woord, en toch gij niet, die het Ach, waarom anders, dan wijl ge aan

alles-scheppend

u bewust

Rotssteen, uit wien ook

Hem

uitgebroken. Uit

zijt

zijt!

dien Rotssteen

vervreemd.

zijt

Ziet,

gelijk

de blokken

Egypte's bergen, ver van hun rotssteen weggevoerd,

uit

monsterbeelden misvormd werden, zóó

walgelijke

tot

ook

het u vergaan, zóó ook

is

zijt gij

van den Rotssteen,

u genereerde, afgescheurd, en is het ware menschenbeeld in u onkenbaar geworden en tot een monstergestalte ook zoo blijft Hij toch de Rotsverminkt. Maar nogtans die

,

gehouwen zijt. Hij uw levensoorsprong, dat u opwacht, wordt alleen daaruit ver-

steen, waaruit ge

en

het heil

al

Omdat

klaard.

uit

Hem uw

leven

is,

wijl ge

uit

Hem

genomen zijt, kan door Hem alleen de nood van uw hart worden vervuld. Omdat in Hem uw oorsprong ligt,

wijl ge van

Naams

wille,

waarlijk zijt,

kan

leven

Hem zijt uw leven

zijn.

Juist

ge zoo peilloos

zonkt

en niet bestaat dan

om

zijns

in z ij n gemeenschap alleen omdat ge van Gods geslachte diep. Juist omdat ge aan

zoo hoog ontvallen waart, moest de heiligste verheffing zich

Uw

in

mengen met de

u

schuld,

uw

aanklacht,

sprong vloeit ze voort.

zelfverlaging der schande.

juist uit

Uit dien

dien hoogen oor-

Rotssteen gehouwen

en toch zoo verminkt, zoo misvormd, zoo vergruizeld in uzelven niet,

zoo

dat

we

,

juist daarin spreekt

uw

ellende.

— Neen, zeg

de ijdelheid des menschen streelen

het

onverbloemd dien oorsprong uitspreken.

Alleen omdat ge naar den heelde Gods

gendeel M. H.

geschapen

zijt

is,

Inte-

,

is

uw dood

zoo ontzettend.

Juist naar-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1871

Abraham Kuyper Collection | 213 Pagina's

Tweede zestal leerredenen - pagina 120

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1871

Abraham Kuyper Collection | 213 Pagina's