Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Tweede zestal leerredenen - pagina 28

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Tweede zestal leerredenen - pagina 28

1 minuut leestijd

,

!

DE TROOST DER EEUWIGE VERKIEZING.

26

God gegrepen, Neen nu

ontlokt ge aan mijn lippen geen klacht

geen tranen meer, nu

aan mijn oog angstzweet

het

en

thans

uw

niet

jubelt

al

meer wat

ge mijn

zult

in mij is bij

ziel

veeleer juich ik

uitpersen,

uw

striemen en

spot

Zegt dien

het

wie

mij,

noodweg

maar toch

hard,

den

O!

niet.

er,

is

het leven

die

Want

weet

ge

vervolging der wereld

ja de

nog het bangste

ze brengt ons

daar

wel,

het

zouden

hart

zelf

we nog heen

ons

niet

heiligdom voor het

worstelen,

en

begaf,

bij

Door dat maar dat

zoo

de schrede in het

onze voet

minst

lij-

nog wreeder

is

voor het hart, dan druk en smaad en kruis. alles

en

kent,

nooit insloeg die naar de bron van eeuwige

vertroosting geleidt? is

gegrond op den eeuwigen Rots-

sta ik

steen.

nooit

wankelde.

Maar neen, ook daar binnen worden we bestookt. Het is altijd uitglijden, telkens wegzinken. Gedurig pakken

ook daar de wolken saam en wordt het donker O! de wereld weet het niet, hoe de ziel

ziel.

gedurig

ligt

nedergeworpen,

als

we

in

de ons

in

spreken van het

le-

ven, en toch niets dan den dood in ons gevoelen. Als

we

Woord met

het

geestdrift

op de lippen nemen, en

nogtans het hart inwendig door

en Dat

afvraagt,

zelf

zich

de bangste

is

merlijke

van

geest

we

uitgegoten: als

hoort is

we geen

of

het

en het

steenen

is

twijfel

of het dat

verzoeking. dof-

bestormd wordt

Woord

Gel.,

als

wel gelooft. die

jam-

en dorheid over ons wordt

kloppen aan het hart, maar niemand

of alles binnen in ons slaapt

:

als

het

gevoel en geen geloof meer hadden, en hart

was

weergekeerd.

O!

dan

eerst

we naar den hemel opzien en er?" als we naar God roepen, en een

wordt

het

bange,

vragen

))zijt

Gij

als

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1871

Abraham Kuyper Collection | 213 Pagina's

Tweede zestal leerredenen - pagina 28

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1871

Abraham Kuyper Collection | 213 Pagina's