Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Tweede zestal leerredenen - pagina 163

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Tweede zestal leerredenen - pagina 163

2 minuten leestijd

,

161

GODSDIENST EN ZEDELIJKHEID.

hoe dan het schuldbesef, hoe dan het zelfver-

Maar

dan

hoe

wijt,

zoo

hoor

ken

levens

de aanklacht des gewetens te redden,

u

ik

vragen,

dan zóó

Waartoe

pogen zoo zal maken,

dat

nog

dan

ander voor ons denken

denken dan ge

ons

als

en

»

Ik

des Heeren

en moet dan voor zulk een

,

Zoo ge op

M. H., maar daar juist

afgaat, zeer zeker,

ons

ook dat

dan niet het een het

Sluit

?

uit

schuldbesef zwichten ?

alle

zedelij-

den gron-

trachten ,

het doet," als belofte

gij

aan ons hart moet gelden

geloof niet

des in

tot

tegenwerpen

mij

wilt ge

,

wortel

God,

in

der eeuwige verkiezing moet gezocht

grond

deloozen

worden?

de

als

diep

uw

kom

ik

met al den ernst mijner ziel tegen op, dat denken het recht zoudt gunnen, om de vraag,

ook

uw

wat

dan niet bestaat,

al

glimlachen

zoudt

Wat anders dan

te beslissen.

om

ge

den

oningewijde;,

die, het

geraamte van een zeevisch in den steen van den berg-

en nu hoogwijs beslissen wilde,

rug vond ingeweven,

kon

dat het geen zeedier

maar

groote wateren,

Welnu, even

leeft.

zoo

we

,

zijn,

wijl

in het

niet

belachelijk

de visch wel in de

ingewand der bergen

zouden

wij ons

maken,

het schuldbesef nu eenmaal vindend in den uit ,

God gehouwen, mensch, dat schuldbesef loochenen wilden, wijl, van God af te hangen en toch schuld te gevoelen

voor

M. H.

ons

Voor

maar ook is, weg te

denken

elk zintuig

rijmt.

JNeen, niet alzoo,

van

uwen

geest zijn eigen taak,

elk binnen zijn cijferen,

en voorts het waar taak

niet

waartoe

maar Ie

God uw

gelijk

we vonden

geen

aanbidding

,

eigen grenzen. te

nemen

Niet wat er

erkennen, dat het er in

denken

zijn

riep.

samenhang, Staat het

dat er geen geloof en geen

is

is,

de

vast,

gebed

en zelfverloochening zich openbaart.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1871

Abraham Kuyper Collection | 213 Pagina's

Tweede zestal leerredenen - pagina 163

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1871

Abraham Kuyper Collection | 213 Pagina's