Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Tweede zestal leerredenen - pagina 115

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Tweede zestal leerredenen - pagina 115

1 minuut leestijd

DE HEERE ONZE ROTSSTEEN.

113

hun erve als heilig oord vereerd, de steenrots in hun midden als een heilige gestalte hebhen aangebeden? Weten niet de meesten onzer, hoe nog altijd Mahomed's

volgelingen

voor

buigen

het

Mekka's heiligdom

in

zich

zwarte

rotsblok,

med's stamgeslacht had vereerd? van

Jeremia

bij

hen,

))die

mij

ren?

Wat, zoo vraag

van steen,

waarin

als

Laast ook

een

Maho-

gij

nooit

steen zeggen: Gij

en Jehovah den nek toekee-

gegenereerd"

hebt

tot

neder-

dat

ik voorts, zijn die kerkgevaarten

we

thans te zamen

zijn,

wat vooral

hooge kerktorens anders, dan nabootsingen door

onze

menschen hand van wat de wilde rots ons vertoont? Geeft niet ook in onze dagen die rotsvesting aan den 's

Moezel, dat adelaarsnest

het

alleen-blijvende

bezweek?

alles

op de bergen,

aan dat

we

Ja zagen

een beeld van waarin

veege Frankrijk,

ook ons volk, toen

niet

het der vergetelheid ontrukken wilde, wat het doorworsteld en stad,

doorleefd had, op hel plein van hoofd- en hof-

de rotsblokken opeenstapelen

door gedenkzuil, van

en

zijn

,

om, door monument

lijden en zijn uitredding

het nageslacht te doen spreken?

bij

Maar genoeg M. H. Niet op dien stroom mogen onze gedachten der

deez'

avond

afdrijven.

Niet

aarde heb ik u te wijzen, maar op

Rotssteen onzes harten deel."

^)

Die

rotsen

is,

op de rotsen

Hem

»die de

en daarom voor eeuwig ons

der aarde

mogen eeuwig

schij-

nen, toch worden ze door den Heere, ónze Rotssteen, die

ook haar formeerde, eens vergruizeld

Wien voor 1)

ze Elia

Psalm 73

in het niet.

hun stugheid tarten, niet Hem, die op den Horeb «de bergen scheuren en de

ook

:

26.

in

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1871

Abraham Kuyper Collection | 213 Pagina's

Tweede zestal leerredenen - pagina 115

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1871

Abraham Kuyper Collection | 213 Pagina's