Het vergrijp der zeventien ouderlingen - pagina 22
memorie ... in zake het adres van de H.H.G.H. Kuiper, voor den Kerkeraad gesteld
20 ren Backer, de Marez Oyens, Pierson en anderen gewaagd, om aan de godsdienstige belangen der lagere volksklasse te gemoet te komen. ^) Praeses bericht, dat deze circulaire in het ministerie )^een diep smartelijken indruk heeft teweeggebracht;" wijst op ))de nadeelige gevolgen" hiervan te vreezen, en geeft als zijn advies, dat de Kerkeraad ter keering vau deze onderneming niet beter kan doen dan een commissie benoemen, die in de onverzorgde belangen voorzien zal. Die commissie werd benoemd. Ze bestond uit de predikanten Weyland, Wildschut, Fabius en Brave, en de ouderlingen van der Stad, Stantz, Knoops en Pijnappel. ") Ze rapporteerde in de vergadering van 19 Februari, en wat was hare conclusie ? „Uwe Commissie deel, zijn
is na wijd en breed spreken over het aangestipte, van oordat het eenig middel, om de zaak een richting te geven naar orde en wet, zou, een sterksprekende en naar buiten werkende handeling." '^)
Zoozeer was de Kerkeraad over de poging dezer heeren onthutst, hield, den i% 12% 15e en 19^ van Februari. Met zeldzamen spoed doorliep het plan de Commissoriale stadiën. Men was wakker geworden. De nood nijpte, en welhaast kwamen van de praesidiale tafel de gewichtige besluiten over het oprichten van Wijkcatechisaties, het instellen van Wijkcommissiën en wat voorts ten behoeve der lagere volksklasse in bestek werd dat ze achtereen vier buitengewone vergaderingen
gebracht.
Er mocht vroeger over den nood der Gemeente gesproken gedaan had men niets. En toen men eindelijk de hand aan den ploeg sloeg, drong niet de heilige ijver der zielzorge. maar onheilige concurrentiegeest. Men moest de heeren Backer c. s. de loef afsteken. Een sterksprekende maatregeV' moest genomen, ter dwarsbooming van hun plan. zijn,
))
Meer afdoende echter voor het doel dezer memorie is de vroegere houding des Kerkeraads jegens hen die van zijn meerderheid in geestesrichting verschilden.
Twee
stroomingen
Amsterdamsche Gemeente dene.
De
eerste
is
Kerkelijk
teekenen zich gaandeweg duidelijker in de af: een tevredene en een niet tevreliberaal,
en
doorloopt
stadiën van het Supranaturalisme, het dus
achtereenvolgens
genaamd
de
Oud-liberalisrae, dat
der Groningsche richLing, en der Leidsche 'school, om eindelijk in het Modernisme aan te landen. Deze strooming, achtereenvolgens met al het komende, zij het ook soms na korte aarzeling, vrede nemend, is in het bezit der kerkelijke regeering. In haar wisselende phasen is zij het die den toon aangeeft in ons kerkelijk leven. Haar woordvoerders zijn 's Kerkeraads ofticieele tolken.. Tot 1869 toe vindt men haar geest uitsluitend in de kerkeraadstradiliën uitgesproken. 1)
Ib. p. 4S, 9.
2)
Ib. p. 51.
3)
ib. p. 67.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1872
Abraham Kuyper Collection | 145 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1872
Abraham Kuyper Collection | 145 Pagina's