Bedenkingen tegen de memorie van den Amsterdamschen kerkeraad der Nederduitsch Hervormde gemeente in zake het adres van de heeren G.H. Kuiper c.s. voor den kerkeraad gesteld door A. Kuyper - pagina 65
UI De
Cornelis Pauwelis, declareerde, dat hij Graraeye te
eerste,
langen
pen
stond
gekend.
vrouw ontving
Zijn
ah
zij
een
Antwerte zijnen
man
geleefd
Na Giamey's
bekend.
persoon
zeer zedelooze
vertrek had ze publiek met een ander beclapt
openlijk
deerns en dekte dit door haar radicaal van vroedvrouw.
huize publieke Zelve
had
tijd
,
»daermede
voren
ze te
was geweest."
De tweede, Govaert van Steenemuelen had jaren lang te Antwerpen hem was het zedeloos gedrag van diens vrouw bekend. Hij wist zelfs dat Grameye in zijn eigen huis, door een barGrameye was hem bier, die met zijn vrouw boeleerde, was gewond. Hij was een »lustig man." steeds goed bevallen. Hans van Munichhausen eindelijk, een Duitscher uit Weenen, had Ook hij achtte tien jaren te Antwerpen met Grameye «geconverseerd". ,
naast Grameye gewoond. Ook
vrouw
Grameye's
vertrek
had
hij
Na Grameye's
huize van den Barbier gevonden
ten
zelf
bewezen.
overtuigend
zedeloosheid
haar
,
die
vrouw was geworden, sints Grameye's voorgewende dood. Door dat hangende deze procedure zijn tweede vrouw stierf, had maar toch werd Grameye verplicht openlijk de zaak geen voortgang voorgaf, dat ze zijn
,
boete in de kerk te doen.
Deze kwam moeilijk was de zaak van Arnoult de Keyzere. Norwich en verklaarde aan het Consistorie, dat hij wals man en vrouw geleefd had" met zekere Eijken van Eijkendale, die diende bij Hij de weduwe waar hij thuis lag. Sints was die weduwe gestorven. wenschte daarom thans met dit meisje te trouwen, en «zijn kint gedoopt te hebbene." De Kerkeraad schreef daarop naar Norwich en ontving bericht, dat Eijken reeds getrouwd was met een man die te verHierover ondervraagd zijn moeder woonde. 's Hertogenbosch bij klaarde Eijken, dat zij in 1564 te 's Bosch getrouwd was met zekeren Marcelis, die haar echter in den «couden winter" had verlaten en om
Even
uit
,
werk naar Brussel was gegaan. ving daar een brief van ziek
lag.
Op
dit
gerucht
trok toen naar Maestricht en ont-
Zij
Marcels'
broeder,
spoedde
zij
man
dat haar
zeer ernstig
maar
zich ijlings naar Brussel,
vond in het logement zijn kamer leeg en Marcelis reeds begraven. Later die van Norwich naar Brussel ging, heeft zij aan Willem Caekelaars ,
gevraagd
no"" zij
,
onderzoek
uit Brussel bericht
Die
brief
was
in
naar
dood
Marcelis
te
Van
doen.
handen van Jan
Crelis
te
Londen
,
,
niet te Brussel in een logement,
voor
«levende
in
hun huwelijk over hoererie",
te
zij
voor
en
rustte
te
,
dat
Dordt in een kleer-
Het Consistorie weigerde daarom
makerswinkel gestorven was. afkondiging van
maar
was.
en gelezen door
Aert de Spelmaker en Coenraet Frederichs. want later gaf Hier scheen bedrog onder te loopen Marcelis
deze had
ontvangen dat Marcelis werkelijk overleden
tot de
gaan, verklaarde hen openlijk
niet eer
de
Keyzere zelf naar
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1872
Abraham Kuyper Collection | 87 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1872
Abraham Kuyper Collection | 87 Pagina's