Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De Bartholomeusnacht - pagina 11

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Bartholomeusnacht - pagina 11

2 minuten leestijd

hem op de

bloed zijner vrouw hoort

een

hij

gil

En

wie

toch,

het

Hun

rampzaligen.

één.

Het

Nog stervend

is

de stervens-

door denzelfden woestaard vermoord!

zijner kinders,

gil

bleeke lippen.

nog één, nog zoo

verging, Avaren nog de minst

was

doodstrijd

ontzettend,

maar het

lijden kort.

Meest namen

met hun

sollen

Dan

nachtgewaad en stak

ze

stootte

ze op, alle

de

trappen

sleepend door het leste,

eénige

die

te

hoop, trok ze

wierp ze ten venster

en greep ze

ze trappend en

bij

uit of

de haren, ze

duwend,

om

ten

met een kolf stoot af te rapier. Ja, het was niet een

belust, ze

met dolkpriem maagd,

lijf,

af,

slijk,

op nieuwe prooi

maken,

man en vrouw

bedekking der schaamte van de leden,

naakte

het

in

ze

wellust van het

langer

prooi.

men

joeg

woestaards

de

of

nog

men,

bij

het reutelen van den

doodsnik, in vuigen lust schoffeerde.

Het

om

is

men de

of

gespierde taal dier dagen behoeft,

den jammer dier tijden

te

gedenken.

„Geen tong zou kunnen uitspreken, zoo meldt het oud wat wreedheid deze moorders bedreven

geschiedverhaal,

hebben,

op dien

sowel

navolgende

dagen.

Den

droevigen Zondag

als

d'andere

meestendeel der slachtofferen

is

vermoord geworden, doorstoken met rappieren en poinjaarden, en deze zijn nog op het alderghenadighste getracteert.

Want de

hebben ze haar geheele lichaam door hebben ze de ledematen van haren lichaam,

andere

gepijnigd, ze als

handen, voeten, neuzen, ooren, oock eenighe mede de

schamelheit afgesneden. „Siet

luyden,

in

wat

wier

had behooren en ze

manieren ze gehandeld hebben met de

hen tot eenige beweeglijkheit manen. Dezen dan hebben ze genomen

grijze hairen te

hunne huizen aan het water gesleept, en hebben haar met het hooft tegen de kaaije gesmeten, invoege uit

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1872

Abraham Kuyper Collection | 56 Pagina's

De Bartholomeusnacht - pagina 11

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1872

Abraham Kuyper Collection | 56 Pagina's