Het vergrijp der zeventien ouderlingen - pagina 70
memorie ... in zake het adres van de H.H.G.H. Kuiper, voor den Kerkeraad gesteld
,
!
68 „Zoo iemand u niet zal ontvangen, noch uwe woorJen hooren, uitgaande uit dat huis of uit dezelve stad, schudt het stof uwer voeten af. Voorwaar zeg Ik u, het zal den lande van Sodom en Gomorrha verdragelij k er zijn in den dag des i) oordeels, dan dezelve stad."
Was
die grens niet terstond bereikt bij het ergeren van een der
kleinen? „Zoo wie een dezer kleinen, die in mij gelooven, ergert, het ware hem nutter, dat een molensteen aan zijnen hals gebonden, en dat hij verzonken ware in de diepte der zee." ")
Bovendien, wordt die grens niet tot in de diepten der eeuwigheid getrokken bij de beshssing des oordeels?
„En wanneer de Zoon des menschen zal komen in zijne heerlijkheid en al de heilige Engelen met hem, dan zal hij zitten op den troon zijner heerlijkheid en hij zal de schapen tot zijne rechterhand zetten, maar de bokken tot zijne linkerhand.... Gaat weg van mij, Dan zal hij zeggen tot degenen, die ter linkerhand zijn in het eeuwige vuur, hetwelk den duivel en zijne engelen begij vervloekten! :
reid is."
^)
is de liefde van Christus, maar niet Onpeilbaar diep, wijl ze uit de eeuwige diepten der Goddelijke ontferming opwelt; maar niet grenzeloos, wijl ze juist om haar oorsprong in het goddelijk wezen, daar een onoverschrijdbare grens vindt, waar de mensch zich, ten spijt der eeuwige ontferming, prin-
Ongetwijfeld, onpeilbaar diep
grenzeloos.
cipieel
tegen dien
God
verhardt.
Reeds daarom kan de liefde, die in Christus geopenbaard is de belichaming in den onmisbaren vorm niet missen. De liefde zou zonder vorm moeten zijn Maar, wat nog geen vorm vond, schuilt nog, is nog niet openbaar, en toen eerst is »de genade en de waarheid verschenen,'^ toen de liefde Gods wel ter dege een vorm had aangenomen in de menschwording van den Zoon. Het triomflied der Apostelen is juist, maar niet dat hun een idee van hefde in het oor gefluisterd was ))dat zij getast hadden en aanschouwd en met hun oogen gezien het Woord des Levens.'^ Dienovereenkomstig trok Jezus dan ook in zijn aardsche leven zeer bepaaldelijk de grondlijnen, waarnaar de vorm des nieuwen levens zich te ontwikkelen had. Zelf ging Hij in de eerbiediging van den vorm voor. Hij ging op naar de hooge feesten. Hij liet zich vinden bij de godsdienstoefeningen der Synagoge. Bij het paaschfeest nam Hij allen vorm der Mozaïsche wetgeving ,
—
in
—
acht.
maar
De Sabbathsviering heeft Hij tegen valsche vervorming beschermd in den van God gegeven vorm bekrachtigd en bevestigd. Hij hechtte aan den vorm van het gebed, bezigde dien zelf en
ging er zijne jongeren in voor. 1)
Matth. 10:
14, 15.
2)
Matth. 18:
6.
^)
Matth. 25:
31, 33, 41.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1872
Abraham Kuyper Collection | 145 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1872
Abraham Kuyper Collection | 145 Pagina's