Het vergrijp der zeventien ouderlingen - pagina 32
memorie ... in zake het adres van de H.H.G.H. Kuiper, voor den Kerkeraad gesteld
30 aan de verloochening van onzen eenigen en dierbaren Verlosser en Zali^^maker als Christelijke kerk ambtgenoten nevens zich duiden uuiucu,
is
leeraars van onze Gereformeerde die Christus verloochenen!
Indien uwe vergadering zwarigheid mocht maken, aan mijn voorstel gevok te geven, verwacht ik van haar een gemotiveerd weigerend antwoord, ten ciuue einde my mii daarnaar te gedragen. Ik eindig dezen met den hartelijken wensch en de bede. dat uwe vergadering^ on dit mijn voorstel zoodanig besluit moge nemen, als het meest strekken kan tot" ee? en verheerlijking van den Eenigen, Eeuwigen en Drieëenigen God, Vader, Zoon e^ Heiligen Geest, en tot heil van de Gereformeerde Christeliike kerk i) Amsterdam, 15 Mei 1843. P. w.'
Scholten.
De Kerkeraad
verschool zich achter de uitvlucht, dat de klao-er elders moest klagen. Dat dit echter niet de drijfveer van zijn handelen was, bhjkt genoegzaam uit het vervolg van zijn besluit: „In
geen geval
zou de Kerkeraad zich het recht aanmatigen inquisitoiren ^''''^^' ^"^'''' "it ^«Ik beginsel dai? Tok veï geen der leden zich'zou behoeven te
^'Y
hnir".n''"*''"* ^f* *^derzoek 'T ook
ffiwerpen.""
Voorts zou de heer Scholten vermaand worden, Pn
:fnh
f*
^^"<i^l^" i^ alle ootmoedigheid, zachtmoedigheid en langmoedi<^heid ^' ''^"^^^^^^ ^'' g^*^^^*^^ '' bewaren en deu^Sand
des vredesf'-)'"''''^'^'"'
Zelf is men toonbeeld van ootmoedigheid. Alleen den boozen orthodoxen moest dat beginsel aller deugd geleerd!
Na den
heer Scholten kwam de heer Mr. W. Backer aan het Ditmaal met met een klacht, maar met een daad JJe atstervmg onzer lagere volksklasse aan alle Gliristeliik geloof "^^t d^ heeren Pierson, de Marez OvPn. Wnii^'^'^r"; '^r r'''"'^^"ê^ üyens, Waller, P. J. ïedmg van Berkhout en Ja. van Eik, een poging tot haar opbeuring te beproeven. ^ ^ aanvankehjken zegen op dit werk ervaren, wenschten zij hun ..n.J'^ meer pogen tot een werk der Gemeente te maken en gaven haar d.ensvolgens kennis van hun voornemen, bij Circulaire van 28 Dec. 1843.
woord.
Ae luidde
als
volgt:
M.g'^.a L1Sen'^«tan«,"''''J?t^„ 4loots.e„„„te^l^^
tesLtsche
'neïï lijke zielen
de mindere klasse onzer stadsbevol'r' "" ""n<l<!"e»geiiden en behoeftige
T'
Pro-
rêH^''W éXTdie^ ^ïndrtrd?-* ^
^'^ '''
'"§*' ^' ^^"^^"^^
denk?edd'"eSil^l'S''de"f:eSl^o;h^'''"^ tegenwoordi-en en toëkonZrlln van het kouinlrijk tïre^n'
Zt
"
^
belangen van zoovele onsterfe''''
'f/^i
^^^^" ^'''' vrienden het
^ ?' godzaligheid, die de belofte heeft des
HenSus'^Chd^^^^^
4?
M-^"
"7 ^r'
'^"^^'''-
^-
2-
')
Ib. C.
3.
3)
ib
'"'-'^1 '^^rbgenpotschappen uit. der Best^^u-tf Een thrrdrte5?rt'of de'^Don* '^'^''^'^^^ ^''^raaktheid des KerkerSs te ^' "^^"^^^- ^^^ ^^^ S^'
itwvaardl'en
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1872
Abraham Kuyper Collection | 145 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1872
Abraham Kuyper Collection | 145 Pagina's