Het vergrijp der zeventien ouderlingen - pagina 43
memorie ... in zake het adres van de H.H.G.H. Kuiper, voor den Kerkeraad gesteld
;
41 nisme, zoo heeft in 1854' het verzet tegen de Groninger richting zich in de Meyboom-quacstie behchaamd. De onltakeüng van de Belijdenis onzer Kerk was na verloop van het oud-liberalisnic, een tweede meer openhartige phase ingetreden. De Groningsche hoogeschool ontrolde een banier met heldere Zij maakte er niet langer geheim van, dat ze der Goddekleuren. onfeilbaar en onvoorwaardelijk gezag betwistte lijke schrilluur haar de verbori'enlieid der godzaligheid aantastte, door de eeuwige godheid van den Christus tegelijk met zijn waarachtige menschheid te bestrijden ; dat zij den troost voor leven en sterven niet langer zocht in de voldoenende en verzoenende kracht van het bloed des Kruises, en de bron des heiligen levens afsneed door ontkenning van eindelijk het persoonlijk bestaan des II. Geestes, en daarmee de basis van geheel de Christelijke Kerk, de belijdenis van God Drieëenig beslist en des zich welbewust verwierp. Dr. Meyboom, die zich sinds bij het Modernisme aansloot, was destijds te i-angschikken onder de talentvolste woordvoerders dezer Van beroep op het gesproken woord kon men bij hem africhting. In geschriften was zijn standpunt openbaar. zien. Verzet tegen zijn beroeping kon derhalve van de zijde der rechtzinnigen niet uitblijven. Het beroep van zulk een man naar een gemeente als de Amsterdamsche, moest de toetssteen zijn, of onze kerkelijke organisatie voor zulk een
richting plaats
liet.
den weg der reglementen uitgesproken, school niets bevreemdends, lag geen zweem van onbillijkheid. Zulk een geloofsuiting euvel te duiden, verraadt een geest, die van Christendom en Humaniteit beide even verre verwijderd is. Toch spreekt zulk een geest uit de acten des Kerkeraads onweIn
verzet, mits langs
dit
derlegbaar.
Reeds den 21 sten November 1853 bleek dit, toen de stroom van tegen Dr. Meyboom's beroep ingekomen, door den Kerkeraad moest verzonden worden naar het Glassicaal Bestuur. Aan deze acte kon men zich natuurlijk niet onttrekken, maar toch, de stengel moest gedeukt eer ze in hooger handen overging Men zou ze verzenden, maar onder uitdrukkelijke bijvoeging: »dat de Kerkeraad niet in staat is de verzekering te ge-
petitiën,
!
ven van de echtheid van namen, zoowel als van het lidmaatschap der onderteekenaren, op de protest en voor-
kom e nde."'
^)
Die betuiging was óf onedel óf onwaar. Was het eisch, dat de Kerkeraad bedoelde verzekering gaf, dan stonden hem alle noodige middelen ten dienste, om zich aangaande de realiteit der protesten te vergewissen. Men kon de onderteekenaars in persoon opgeroepen, en opgave gevraagd hebben van het jaar hunner aanteekening op de lidmatenboeken. Dan hadden deze het uitgewezen. Of wel, was, gelijk alles vermoeden doet, geen aanvrage om ve-
•)
ib.
V.
p.
88.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1872
Abraham Kuyper Collection | 145 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1872
Abraham Kuyper Collection | 145 Pagina's