Litterarische fantasien en Kritieken - pagina 204
196
min
wat groote oogen,
wel
waarover men
nend
,
een
als
men bedacht
kind was; een vreugdeloos huis bewo-
den reuk van vermufFende artsenijen, geen prettiger
om
buurt
verwonderen,
te
met geen andere speelnooten dan een afgeleefd oud man dat geen aangenamer dampkring binnenshuis katje;
dan
had
meer vreemd van voorkomen:
of
had
niet
zich
moederloos
een
het
dat
en
KOOPMANS VAN BOEKEREN.
H.
vensters
rond
in
wippen dan
te
en van
zien,
te
van het kerkhof,
die
welk
't
met hare overgrootmoeder, haar lagen
beginnen
Kappipa!
„Kappipa!
slapenstijd!"
't is
uit
de
hare bloedverwanten, te
al
toe te
in
zelfs
roepen:
den gloor
al
van een zomermorgen.
Want
van
bekommeren, dan
den,
hoeveel
veiliger
de
Kappipa zou
kleine
een groene zode, waarover wat paardebloemen wuif-
onder
zijn
die nooit in den huwe-
moesten zich wel over het kind
getreden,
wetende
hare moeder en de
vooral
oudtantes,
en
tantes
waren
staat
lijken
vrouwen-schaar,
doode
die
reeks
groote
achtergebleven,
alleen
als
weldra wezen moest,
zij
in deze moeitevolle en bedriegelijke wereld.
En
echter
naar roode rozen zweemde
al bloeide er niets dat
,
wangen, echter scheen zij een gezond kind, en toonde zeker groote gaven voor vlugheid van beweging, in de darzij telende sprongen met welke zy haar eerbiedwaardigen voorop hare
welkom
zaat
dewijl
zij
gegier
dit
heette.
nooit
temperen
te
kraaide
Zij
had,
toehoorders ,
zoo
luide
tevredenheid
hare fijn ,
en,
uit
om
genoeg van gehoor
dat
zelfs
de
verstramde
ooren van den Dokter er van dreigden te scheuren.
„Kappipa hare
zei
Dr.
lokken met
zijne
liefste!"
bruine
DoUiver opgeruimd, terwijl
hij
bevende vingers glad streek, „je
springlust schijnt, op dezen mooijen morgen, in je armen ouden
grootvader
zoo'n
dat
Weet
gevaren.
gebroken,
heb
haast
van
had?
je, kindlief,
de
trappen
Wat
zou je
dat ik bijna mijn nek
rollende,
gedaan
omdat
je stemmetje
hebben, Kappipa, als
was gebeurd?"
„Ik zou grootvader gekust hebben,
tot hij
weer beter werd,"
antwoordde het kind, zich herinnerende welk geneesmiddel de
Dokter
plag
neêrgebonsd.
aan
„Het
te
wenden
zal
hare lipjes toestekende.
,
als
grootvadertje
zij
was
neêrgetuimeld
goed doen,"
zei ze,
of
hem
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1873
Abraham Kuyper Collection | 230 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1873
Abraham Kuyper Collection | 230 Pagina's