Litterarische fantasien en Kritieken - pagina 201
KOOPMANS VAN BOEKEREN.
R.
was gekropen, scheen
hij
welks hoek
zonnige
venster
den rug toe, en
schuw derwaarts om te zien; hem allengs meer en meer doordrong,'
Junijhitte
eensklaps
hij
het
hij
geheimzinnig
zelfs
maar toen de greep
hield
193
moed en staarde
hij
op
het kerkhof, aan
woonde.
hij
Daar lag menige oude kennis,
die ter ruste was gegaan, met van Dr. Dolliver's tinkturen of poeders op de tong: de laatste bittere smaak dezer wereld voor den patiënt, misschien gedoemd in de volgende eene walgelijke heugenis te blijven.
den geur
Grister,
bij
die
om
zijn
de kilte
al
had
gister
de
van
zijn
Dokter verwacht
sluimerende gemeente zelfswille
zullen uitstrekken, en zou
te
voor dat verschiet waarlijk niet in zijne mijmering, de kwalen van
gedeinsd, als hij,
woordigen
eenzamen ouden dag ten prooi, zijne vermoeide leden weldra
toestand
had overgebragt in
niet
zijne
hij
zijn terug-
zijn tegen-
voorstelling
van de ruste des naderenden. nadeelig
de
men, op
zijn hoest
Maar
heden,
vrolijk
Hem kwelde de gedachte, boe onder dat gras en die paardebloe-
aarde,
en
het
zonlicht,
het
bij
soms
vochtige
zijn
viel
rheumatismus zou werken. niet
loochenen,
te
of de teug der hartsterking
naar bed gaan doorgeslikt,
zoo
oneerbiediglijk
vrozen droppel jeugds,
oude
in
had
het
kleinzoon
zijn
de grillige kracht die
of
lieden
vaart,
nog hier of daar
die
heden
van
—
in
een
onbe-
hem had
ge-
scholen, in volle vaart gezet.
„Hm! hm!" met de
het
wel
klaren zou:
Maar heb
dacht.
een
zij
beetje
aan hen
de
zei
keel,
los
Dokter,
hopende dat een enkel kuchje
die tien jaren lang door hoest
„ik ik
was gekweld, ben er nog niet zoo erg aan toe, als ik
niet
heel verstandige lui gekend die, als
op hun dagen
kwamen,
of er anders een schroef
was, stierven uit louter flaauwhartigheid
,
stierven
lang vóór hun tijd?" Hij
wilde
knikte hij
inprenten.
zilveren
zijn
in
den spiegel eens
toe, als
afschaduwing zijner persoonlijkheid die wijze les Ten minste wat van hém afhing, besloot hij moed
doen
om om den
wille
eene
uiterste
des
te
hoofd
der
grijpen
zoo lang mogelijk te leven, al zou hij het alleen
der
kleine
menschelijken
Kappipa,
die
levens
stond,
evenzeer aan het als
haar over-
grootvader aan het andere.
13
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1873
Abraham Kuyper Collection | 230 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1873
Abraham Kuyper Collection | 230 Pagina's