Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Litterarische fantasien en Kritieken - pagina 78

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Litterarische fantasien en Kritieken - pagina 78

2 minuten leestijd

JOWAN GRAM.

70

III

Nn

het portret, de uit- en inwendige menscli!

VJiomme de ses ceuvres te zijn, die hersenschim van Schaffels was ook Herman's hersenschim, en wat de man van leeftijd zich beroemde veroverd te hebben was tevens het voorwerp waarnaar ,

de eerzucht van den ander, den jongeling, zich driftig uitstrekte.

Herman

Kostte

„'t

Als

waarloozen.

nu

theatrale

de

in

lessen

studeren:

hij

't

verba-

hij

te

Leiden moest bijwonen, de

meetkunst

die

hij

in

de

gaf,

stad

en dan nog

ondoenlijk. Zijn ijzeren wil alleen

Willen

kunnen, was

is

omstandigheden, alvermogende factoren in

overmoed

ver-

te

die

dit alles mogelijk.

zijn

niet

was, wier campagne

colleges

was bijna

't

studiën

zijne

opera

der

was begonnen, dan had

weer

juist

De

zend druk.

om

moeite, repetitie

er

misschien

leven, kende

't

weinig invloed

te

maakte

Aan

zijn devies.

toe: bij

de

hij in

hem

hing

van de geestkracht van het individu." Zoo beoordeelt hem de auteur, en dat oordeel is juist. „Ik erken," zegt Herman, als een aanzienlijk man van jaren hem een edelmoedig en verstandig aanbod doet, hetwelk hij van de hand wijst, „ik erken alles af

breng

en

uw

aan

hulde

maar dan zou

bedoeling;

edele

't

van mijn pogen verloren gaan, dat namelyk, van het verkregen resultaat aan niemand verschuldigd te zijn aantrekkelijkst

dan alleen aan mijn eigen geestkracht ringen. stelling

iemands hulp

van

de

zeg

ronduit

ringen

met is

,

tot

:

jongelui

als

zij

en

beuzelarijen

kennis niet

en

dien

:

't

opoffe-

meer,

dat

invret enden scepter

welken

titel

ik daar straks zei

algemeen, eenige

houd ik vol en eervolle

uitzonde-

brengen in vadzigheid

door te

leven

straatslijpen,

af

den

talent

meer vragen

over

natuurlijk met

,

voortgaan hun

door

Wat

mijn doel te geraken.

adellijke

de tyd niet ver

fortuin

en persoonlijke

Ik ben gevoelig, mijnheer de baron, voor uwe belangin mijn persoon, maar laat mij 't genot, van zonder

spelen

en schandalen,

zoo eenmaal de

dan

magt van

't

verdwenen is, alleen dan zal men zwaaijen

kanker zullen

voert

;

gij ?

maar

:

wat kent en

weet ge ?"

Zwaar op de

hand,

zal

men zeggen,

die

zoon der eeuw.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1873

Abraham Kuyper Collection | 230 Pagina's

Litterarische fantasien en Kritieken - pagina 78

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1873

Abraham Kuyper Collection | 230 Pagina's