Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Uit het Woord - pagina 262

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit het Woord - pagina 262

stichtelijke bijbelstudien

2 minuten leestijd

258 der oplossing iu hoogere eenheid, onverzoend vereffend,

en ondoor de H, Schrift twee tegengestelde reek-

waarvan de ééne tot kenspreuk het op»Zijt heilig want Ik ben heilig/' en de andere aan de bede des Zoous gekend wordt: heilig Gij ze in uwe waarheide' kan een » Vader, sen

loopen,

draagt:

schrift

beroep op deze uiteenloopende getuigenissen ons niet verder brengen en

denkbaar, uit

mee

is

waarbij

Schriftwoord

het

spelen met de Schrift

slechts een

beurtelings

elk dar strijders zich

een lauwerkrans vlecht, waar-

Wel diende dan

zich als overwinnaar tooit.

hij

worden toegegeven, dat de Schriftplaatsen, die op God als Bewerker der » heiliging" wijzen tien zijn, tegen de woorden van vermaan tot eigen » heiliging^' één, maar tenzij men de meerderheidstactiek ook op te

de

Schrift wilde toepassen,

sing van het

veel

hiermee voor de oplos-

vraagstuk nog volstrekt niets gewonnen,

daar niemand afdoen,

is

aan de Schrift een

min

tittel

of jota

er dus die enkele plaatsen uit

wegdenken, waarin de eisch tot lijk uitgaat tot den mensch.

Het weeropvatteu het eenig redmiddel.

der

»

mag mag

heiliging" onmiddel-

historische

lijn is

ook hier

Diezelfde vragen die onzen tijd

en ons hart bewegen, hebben in al heur wichtigheid ook voor het zielsoog onzer vaderen gestaan. De vorm

moge gewisseld nieuw

z^n, de kern der zaak

is

één.

»

Niets

onder de zon'^ geldt volstrekt en onvoorwaar-

waar de roerselen van het menscheuhart ter komen, want nu of vóór een drietal eeuwen, dat menscheuhart is wat het was. Moedwillig stelt men zich dus aan het gevaar van dwaling bloot, zoo delijk,

sprake

men

bij

deze hartaangrijpende vraagstukken het licht

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1873

Abraham Kuyper Collection | 520 Pagina's

Uit het Woord - pagina 262

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1873

Abraham Kuyper Collection | 520 Pagina's