Uit het Woord - pagina 296
stichtelijke bijbelstudien
292 banier
met zoo onheilige hand.
Dat we
er toch bij
het sluiten van deze Schriftbeschouwing niet van zwe-
gen,
het
slechts wijl
is
we
niet dulden
kunnen, dat
de Gemeente der geloovigen, ter ontkoming aan dezen gruwel,
ven;
in
wijl
de tente der werklieiligheid wordt gedre-
we
het niet
mogen
aanzien, dat
om
dezen
gedrochtelgken namaak het echte wezen van Gods
genade
miskend en gemeden worde;
onderdrukten
deze
of,
vrije
wil men,
we
conscientiekreet tegen het vuigste
Farizeïsme niet, opdat niemand door den laster van
verwantschap met dit demonisch verschijnsel zich wapenen zou, tegen den onweerstaanbaren invloed, dien Gods » heiliging^', naar de Schrift verklaard, op elk kind van God moet oefenen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1873
Abraham Kuyper Collection | 520 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1873
Abraham Kuyper Collection | 520 Pagina's