Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Uit het Woord - pagina 364

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit het Woord - pagina 364

stichtelijke bijbelstudien

2 minuten leestijd

360

kan hierop gewezen worden, want, wat hier niet nader kan worden uitgewerkt, staat krachtens het getuigenis der historie vast, dat namelyk én de onzalige zedeleer der Jezuieten, én de loochening van het bloed

der verzoening door de Modernen, noodwendig voortvloeien

uit

maken van Gods

onvast

dit

wil,

onder

schijn van zijn vrijheid te eeren.

Houdt

men

daarentegen ook

bij

den Eeuwig On-

geziene en Hoogheilige onverbiddelgk aan de wet van leven vast, dat 'sHeeren wil

alle

eisch

van

zijn

wezen

goddelgk

wat Hij naar den zijn moet, dan veris,

klaart het zich volkomen,

waarom hel ééne woord van

Welbehagen" schgnbaar

in zoo uiteenloopenden zin

»

gebezigd werd.

We

doorzien dan,

waarom een geschre-

ven wet, anders dan by wijze van proefgebod, in het

met God vereende paradijsleven ondenkbaar was. Het wekt dan geen bevreemding meer, dat elk aanstooten tegen die wet als lastering van God zelf gold. Met den Psalmist in het 119'= onzer liederen, kunnen we in Gods wet dan inleven, als ware het een inleven in 's Heeren verborgen gemeenschap. En komt eindel^k de Zoon, die van zichzelf getuigde heeft

tegen

:

»

Wie mij

den Vader gezien!" dan jubelt onze als

Openbarer

goddelijke wet.

»

ziel

ziet,

Hem

en Vervuiler beide van de

Openbarer", wijl Hij Godzelf was,

zich betoond heeft den vlekkeloos

» Vervuiler", wijl Hij

reinen, den onstraffel\jken inensch.

Houdt men de

dit in het oog,

Hoogheerlijke

welbehagen

in

neemt

Hij heeft, wijl Hij lief.

Op den Zoon

dan

blijkt tevens,

waarom

werkelijken, letterlijken zin een

aan het volbrengen van

God rust

is,

zijn

wil.

alleen zichzelf en het zijne

z^n welbehagen,

wijl Hij

in

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1873

Abraham Kuyper Collection | 520 Pagina's

Uit het Woord - pagina 364

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1873

Abraham Kuyper Collection | 520 Pagina's