Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Uit het Woord - pagina 66

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit het Woord - pagina 66

stichtelijke bijbelstudien

2 minuten leestijd

62 beurt gevallen; maar hier, waar het ons uitsluitend

ontwikkeling van den

Naam

des Heeren

om

doen

te

de is,

moeten we natuurlijk op dat laatste den nadruk leggeUj en erkennen we derhalve in het licht des geestes, aan Jesaia geschonken, de hoogste en ring,

die het

Oude Verbond

rijkste

heeft aan

te

Openba-

wijzen, en

dus ook die mededeeling van Gods leven, die het naast

aan de volheid des Evangelies grenst.

Toch was ook de aan hem geschonken Openbaring zelve nog niet. Ook Simeon had het licht van Jesaia's Godspraken in het dweepend zielsoog opgevangen, maar toch blijft hij naar meer verlangen, blijft hij om voller licht roepen, en komt eindelijk die volheid

het »Kindeke^' in Sions tempelzalen,

dan erkent

meerder ontvangen te hebben,

in de wegsrael-

als

hij

hij

Heer! uw dienstknecht gaan in vrede naar uw wooi'd, want nu hebben mijne oogen uwe zaligheid gezien !" Eu gelijk de grijze Simeon grooter verrukking smaakte bij hetzieu van het Kiudeke dan bij het lezen der profetie, die ting zijner ziel uitroept: »Laat uu.

van het Kindeke, dat

komen

te

zou ook Jesaia van hooger voelen opspringen, zoo

hij

stond,

getuigde, zoo

vreugde het hart hebbeu het

»

Vader, Zoon en Geest"

had hooren uitroepen, dan toen hij zelf in zijne Godspraken het praeludium der Drievuldigheid uederschreef.

Daarom mogen we ook bij Jesaia niet bly ven staan, maar moeten voorwaarts dringen, tot eindelijk op den Berg der Olijven, in het oogenblik van Hemelvaart, de volle

Openbaring

van

de

lippen

des

Verheerl^kte

'vernomen wordt. Zeer zeker, toen

ham

God

als de

f)

Almachtige'' aan

Abra-

verscheen, lag reeds in die Opeubariug de kiem

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1873

Abraham Kuyper Collection | 520 Pagina's

Uit het Woord - pagina 66

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1873

Abraham Kuyper Collection | 520 Pagina's