Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Litterarische fantasien en Kritieken - pagina 183

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Litterarische fantasien en Kritieken - pagina 183

1 minuut leestijd

W.

betaalt

hij

deugdzaam genoeg om

dan

hetgeen

en

mogelijkheid

de

van

tegenstelling

schrille

verwachtte

en

hem schonk,

zij

wanhopige gedachten

vol

aan

geloof

het

de

bij

wereld

de

gemoed

het

zich

van

hij

175

sommige verheven zw^akheden, maar meer

aan

tol

VAN ZEGÜELEN.

J.

voelen schieten

te

verzoening prijs te

eener

geven. Hij

Hamlet

is

den

niet,

maar een

scepticus,

Alceste;

is

hij

geen twijfelaar, geen

van de beste

idealist

soort, wiens hart in

met het leven eene ongeneeslijke wond bekwam en, dan door eene mindere soort van genegenheid zich te

strijd

liever

laten verblinden, in de eenzaamheid doodbloedt.

Om

kort

gaan

te

werken van

de

,

Molière,

MisaiitJirope

telkens

die

bekleedt

.

nieuw

te

oogenblik

dat

gezond

ons

verstand

zijn

Op

herhaalde, als dichtstuk eene eenige plaats.

nooit

onder de

zelfs

,

wist

en zich

hetzelfde

levensopvatting

Alceste's

onpraktisch veroordeelt, juichen wij hare verhevenheid toe,

als

en,

moest

blikken

gekozen worden, wij zouden in onze beste oogen-

er

hem

met

liever

wereld verzaken, dan zonder

de

omgang

het voorregt van haar

hem

blijven genieten.

III

En wat

nu de heer Van Zeggelen gedaan?

heeft

Verheven Menschehater van Jean-Baptiste Poquelin, hebben

met geheel ons hart en

daarom

wij

had;

helm des

den

voorschyn

met

ons

vernufts

gesprongen

uw

gemoed van

liefge-

vader;

dichterlijke

geestdrift

bezield,

met

gekwelde brein, het verscheurd

het

uw humor

vervuld, ons

van

na

uw

dood

Van Zeggelen

„jouend"

uwe

godetaai

de

onze

ons

genezen,

in

hebt

zich

voor

gij

het edele

wansmaak met verkwikt, met uwe

onnatuur

voor

wanhoop en

krachten u

het hoofd, levend en gewapend te

op

uit

afschuw

jaren

al onze

met het borstkuras der deugd om de lenden en

gij,

zijt

en

opdat

twee honderd

met u meten

,

„jijend"

hij

vertolken, en voor

kreupelrijm

zyne nederlandsche wanspraak een uitgever vinden zou! Helaas gelen

,

Molière's

edellieden

winkelbedienden

meniers,

Molière's

zijn

geworden,

hartstogt

bij

den

Molière's

kwasternij,

heer

Van

jonkvrouwen

Molière's

geest

Zegka-

de

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1873

Abraham Kuyper Collection | 230 Pagina's

Litterarische fantasien en Kritieken - pagina 183

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1873

Abraham Kuyper Collection | 230 Pagina's