Revisie der revisie-legende - pagina 32
»PITBLYCK epistel" AA.N DR.
30
U
„Ik
vervolgd!!'^
rusteloos
J.
En wat
jaren gedaan tegenover mij? Gij, die
VAN TOORENENBERGEN.
J.
hebt Gij dan deze laatste acht
mg n
voorspraak hadt moeten
zijn,
werdt Gij niet mijn aanklager? Hebt Ge niet in en buiteu dien raad, tot voor de ooren van Groningers en modernen in het, Rotterdamsche
U
ministerie,
onuitputtelijk getoond in een ,,decliueeren" en „ten toon
soms een belachelijk maken van mijn arbeid en mijn bedoelen?" nu om het te zeggen, Gij die U thans aanstelt als de manier door mij verongelukte maar op hetzelfde oogenblik, dat Ge
stellen",
Gij dwingt mij
op
alle
;
uw
hoe ik openlijk voor
wist,
over „die Kuyper" te klagen.
persoon er
in
o,
ik weet het,
ik ganschelijk
dat
aan het dolen was en de schare
men op weerstand bedacht moest zijn. Ja, zóó ver gingt uw antipathie, dat mijn warm woord ten uwen behoeve, dat ik en
verleidde
Ge
bij!
makend,
duidelijk
Ge rond, om altijd Soms met veel medelijdend liefs voor mgn maar dan toch aldoor het voor een iegelijk
professoraat ijverde, liept
Nice tegen het Ministerie schreef, door ü beantwoord werd met een advertentie in de anders zoo door U geminachte Standaard, om, wat
uit
anders nooit iemand deed, publiek te bedanken voor den vriendengroet
aan den nieuw geslagen ridder.
En
U
ook
toch,
hierdoor zou ik mij nog niet tot een optreden tegen
Maar
hebban laten verleiden.
zie,
het grievendste wat ik tegen
komt nog. Toen namel^k door de onvoorzichtige gedragslyu van de heeren
ü heb, uit
den
kring de theologie gevaar liep aan onze academiën
orthodox-modernen
ontwee gescheurd en in modernen vorm omgegoten te worden, heb ik van meet af, het zgn nu negen jaren, aangedrongen op de stichting van een vrge universiteit, als eenig redmiddel om het seminarie te ontloopen en toch een theologie
te
behouden, die niet afging van onzen God.
ik uit den mond der radicaalste atheïsten, hoe men met opzet voor het behoud van een theologische faculteit ijveren zou, om den Christelijken invloed op het volk te breken. Toch gingt Gij en uw vrienden maar aldoor voort petitiën bij die
In de
Kamer
Kamer hoorde
in
faculteit
te
zenden, »dat
het behoud dier theologische
vooral
toch
mocht verzekerd worden!"
Christus in de Kamer lachten in hun vuistje, maar ik zon op redding. Ik zei tot myzelf „Dat kunnen Van Toorenenbergen en zgn vrienden toch niet bedoelen Als ze maar wisten hoe de zaken stonden o, Geen
De loochenaars van den
om
zooveel onnoozelheid, :
!
!
twqfel
of
ze
zouden
verband, met Gunnings en
uwe vrienden
een conferentie
En
hoe
te
om
hebt
omslaan!"
En
die overwegingen, vloeide in
schrijven, het plan voort,
laten
uitnoodigeu....
over de zaak eens
Gvj
uit
die
ook
U
te
tot....
om
door Gunning
niets
ergers....
U
dan
spreken.
gezondene uitnoodiging beantwoord?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879
Abraham Kuyper Collection | 176 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879
Abraham Kuyper Collection | 176 Pagina's