Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Twaalftal leerredenen - pagina 265

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Twaalftal leerredenen - pagina 265

(eerste en tweede zestal)

2 minuten leestijd

265

HET ONBEWUST ADVENTSGEBED.

de armoe voor een schat kon gelden, zou ze met haar klagelijk

geving des Geestes

Neen,

M.

H.

mer voor uw geklag,

saam, dat

ooit

verrijzen,

al

uit

's

voegdet ge ook

en

noodgeschrei

barmhartigheid

in-

Israëls profetie.

in

het heerlijk heiligdom dier profetie zal nim-

!

Woord

door Gods

is

miskennen

te

geest

het

al

Gods wonderdaad door de

verleiden kunnen,

ons

schreien

inenschen hart ;

opgegaan.

is

niet

uit

het wee-

al

der

gekrijt

Woord waarin

het

uit

en

ligt;

het

al

De

ziele

profetie

de volheid Zijner

dat menschemooord, waarin

ons hart nooit anders dan zijn leegte kan uitspreken. Dat

juist

de glorie van dat: »Zoo spreekt de Heer der Heirscharen,"

is

reeds verkwikt, als Gods stem woorden geeft aan

dat het ons

wat

ons

in

maar

hart

Want dan den

Hij

heeft

als

Woord

in

reeds van

om

En nu Hij

in heilige

genade

de

uit

ziel

dat vleesch

dan,

geworden

nemen en

dat

perst, ;

als

is

gekomen

;

Amen Gods Hij

komt

;

is

als

de

Gods

Woord

Bethlehems kribbe,

dien dood ons redt.

uit

bij

in

toont,

zal

ons van nood en dood profeteert, komt het

worden ook door ons herhaald feest.

des harten

Ontferming reeds naar ons uitgaande

dien nood van ons zal

111.

heimwee

balsem reeds bereid, die ons genezen

verre,

zelve,

Gods Geest ons onze wonden

Gods werking ons de kreet beweging der

van

niet

spreekt, gaat in onze ziel het gebed des

Geestes over ih een belofte, het profetie.

En daarom,

bestorven lag.

God

zoo

eerst

en

's

menschen

beê, ze

de nadering van het Kerst;

Hij zal

komen

;

ziet

daar

het drietal gedachten, waarin ik u dat Adventsvermaan breng.

Hij ren,

is

en

gekomen, de Hope

Israëls,

de afgebedene der volke-

zoovelen zijn verschijning hebben liefgehad, die heeft

macht gegeven, weer vervuld te worden met dat oneindig waarnaar de ziel met oneindige behoefte schreit. Hij is gekomen, die Immanuel God-met-ons, die juist wijl Hij »God was in der eeuwigheid te prijzen," een jubelend Amen bren-

Hij

leven,

gen kon op dat Adventsgebed der menschheid, dat door geen eindige gifte zich

gender,

steeds

smooren

luider,

tot

maar roepen

altijd

drin-

het in Israël zichzelf bewust

werd

liet,

bleef,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's

Twaalftal leerredenen - pagina 265

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's