Twaalftal leerredenen - pagina 152
(eerste en tweede zestal)
152
RUST DER
ZIEL
meer op den weg der volkeren werd gehoord.
des Almachtige niet
Het
onze
is
DE ONRUST DER TIJDEN.
.BIJ
kleinheid,
we
dat
slechts voor het groote een
oog hebhen.
Maar
nu
Thans, een
bruisen
nu
stroom
de
bange
schrille
bliksemen
»Zijn beeft,"
kwam! En daarom
groote
dat
nu,
anders.
der
echo
thans wierd het
volkeren in
op
geeft
zijn machtig wat David zong:
verlichten de wereld: het aardrijk ziet ze en
dreunt
Gods
sprake
die
volkeren zoo doordringend, dat
zelfs
het noodgeschrei
in
dei-
de verharde van haxl door
dien schok geroerd wordt, en de spotters van gisteren uit eigen aan-
hun onmacht
drift
belijden,
om
zonder
's
Heeren inwerking zulk
een plotseling tuimelen, zulk een onderstbovenkeering
Er
op aarde
gerichten
Zijn
geen
is
troost.
Bij
zijn;
maar toch
in
stemme Gods
die
zulk een spreken des Heeren kan de
leven.
mij,
hoe zou
brooze sterveling, dan voor den
ik,
bestaan?
Die sprake Gods
is
in vuur,
adem
Gods
trilt
henen. Ze verschrikt den geest: beknelt het hart: ontstelt de onze zinnen
:
als het loeien
Horeb's onherbergzame kruin.
de volken, maar voor de
Dat wist
de
Voor die
ziel
van den stormwind die
God
ai
Zijner
die sprake
gaat door bloed, door het kermen van den gevallen held
verbijstert
ziel
Als de bergen voor Zijn aangezicht vervlieten,
niet
lippen
te verstaan.
dus een «woord Gods" in het rumoer der volken, nu
is
is
ze
ziel:
ze op
stemme Gods sidderen
zoekt, biedt ze geen rust.
Heer, en Hij die zich onzer aantrekt met on-
liefde, gaf daarom aan de kinderen Zijns volks nog een ander Woord, gesproken door Zijn zieners, gesproken
naspeurlijke
in Zijn
Zoon, en der Gemeente in de Schrift geboden.
«Woord", het
o,
het
is
als
zuchten van den avondwind, als het
snaar,
«Tot
waaraan de Ontfermer
Woord en
dat
van de
trillen
lsraëls het lied der
der
tijden
begeert.
zich
in
Om
dagen
dat
die getuigenis!" roept
daarom ook bij
bij
die onrust
woord schaart de gemeente des
dat als
fijnste
genade ontlokt.
dat bruisen der volkeren, wie vrede voor de ziel
Heeren
En
het suisen van de zachte, koelte, als
we
aaneensluiting. Eerst door dat
thans beleven in nog .nauwer
woord poogt
liet
zich dat andere
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879
Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879
Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's