Twaalftal leerredenen - pagina 156
(eerste en tweede zestal)
:
KUST DER ZIEL
15G
gebeurden
op
dit
heiliger
smart,
dat
bloedbad
heeft
die
niet
Hij,
de
opklom,
Hij,
voor
en
gaf
om wrake
met de oneindig
ons
gevoel
cles
de
vraagt
van Zijn toorn dankt
—
waarmee de
gruwel toornen moest?
misdaad
Hij schiep dit
bouwen, en
het te
fijnheid
O
!
wie
zal
van het goddelijk
ge
zijn
niet
Hem
den Barmhartige,
ook u vraag
en
Heilige
Ja,, voelt
ge
moest, dat Hij
met mij
deez' wereld er
nog
ik
:
Maar
gij
de
dat er een inhouding
niet, dit
aardrijk niet verdelgde,
Zijn ontferming, dat na zulk een is?
dan wat Jacobus
lees
kent
Ontfermer tegen zulk een
zou dat u niet aangaan? die misdaad u niet
dringen?
is
Zijn toorn, wie Zijn geduchte krachten?"
Psalmdichter,
grimmigheid,
besef
elk ge-
Ontfermers zeggen, wat zulk een schriklijk schouw-
»Wie kent
geweest'?
heeft.
om
naar den hooge.
teedere
der helle alleen waardig, voor
En
het alles
haren schoot en roept met een stemme
die aarde opent
spel,
maar
gekerm van
liet
menschheid
der
het
van menschelijk bloed bet
op
opging, die den bangen doodsnik van elk stervende en
aardrijk
hoor,
is,
wien het roepen van
'tot
wien
zelf
Alomtegenwoordige,
weegeklag van elk beroofde gehoord
het
en
de Liefde
die
Hij,
aanschouwd.
heeft
beangstigde
wonde
waarmee neergezien?
slechts het- gerucht heeft opgevangen,
nabij
elk
DE ONRUST DER TIJDEN.
BIJ
benedenrond, vermoedt ge dan niets van de
veel
van
!
in
tot schuld-
het 4de hoofd-
stuk van zijn zendbrief schrijft
Van waar komen krijgen onder u? «Komen zij niet hiervan, namelijk
•o
tochten) die iu
uw
uit
uwe wellusten
(harts-
leden strijd voeren?
«Gij begeert, en hebt niet: gij benijdt en ijvert voor dingen, en kunt ze niet verkrijgen, en daarom vecht ge en voert krijg.''
Wat, bid een
ik
tocht, die wij,
nu
nu
is
een
krijg,
als
thans uitbrak, anders dan
van die gevaarlijke massa hartsmet de bewoners van ons werelddeel lang hebben opgehoopt? Nog eens de Gain's zonde, maar
eindelijke
sints
u,
ontbranding
gij
in reusachtige
heeft
de
en
ik,
afmetingen, geeft
zonde eens
hij
u
te
aanschouwen.
getoond, wat ze vermocht.
Nu
O viert
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879
Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879
Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's