Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Twaalftal leerredenen - pagina 156

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Twaalftal leerredenen - pagina 156

(eerste en tweede zestal)

2 minuten leestijd

:

KUST DER ZIEL

15G

gebeurden

op

dit

heiliger

smart,

dat

bloedbad

heeft

die

niet

Hij,

de

opklom,

Hij,

voor

en

gaf

om wrake

met de oneindig

ons

gevoel

cles

de

vraagt

van Zijn toorn dankt

waarmee de

gruwel toornen moest?

misdaad

Hij schiep dit

bouwen, en

het te

fijnheid

O

!

wie

zal

van het goddelijk

ge

zijn

niet

Hem

den Barmhartige,

ook u vraag

en

Heilige

Ja,, voelt

ge

moest, dat Hij

met mij

deez' wereld er

nog

ik

:

Maar

gij

de

dat er een inhouding

niet, dit

aardrijk niet verdelgde,

Zijn ontferming, dat na zulk een is?

dan wat Jacobus

lees

kent

Ontfermer tegen zulk een

zou dat u niet aangaan? die misdaad u niet

dringen?

is

Zijn toorn, wie Zijn geduchte krachten?"

Psalmdichter,

grimmigheid,

besef

elk ge-

Ontfermers zeggen, wat zulk een schriklijk schouw-

»Wie kent

geweest'?

heeft.

om

naar den hooge.

teedere

der helle alleen waardig, voor

En

het alles

haren schoot en roept met een stemme

die aarde opent

spel,

maar

gekerm van

liet

menschheid

der

het

van menschelijk bloed bet

op

opging, die den bangen doodsnik van elk stervende en

aardrijk

hoor,

is,

wien het roepen van

'tot

wien

zelf

Alomtegenwoordige,

weegeklag van elk beroofde gehoord

het

en

de Liefde

die

Hij,

aanschouwd.

heeft

beangstigde

wonde

waarmee neergezien?

slechts het- gerucht heeft opgevangen,

nabij

elk

DE ONRUST DER TIJDEN.

BIJ

benedenrond, vermoedt ge dan niets van de

veel

van

!

in

tot schuld-

het 4de hoofd-

stuk van zijn zendbrief schrijft

Van waar komen krijgen onder u? «Komen zij niet hiervan, namelijk

•o

tochten) die iu

uw

uit

uwe wellusten

(harts-

leden strijd voeren?

«Gij begeert, en hebt niet: gij benijdt en ijvert voor dingen, en kunt ze niet verkrijgen, en daarom vecht ge en voert krijg.''

Wat, bid een

ik

tocht, die wij,

nu

nu

is

een

krijg,

als

thans uitbrak, anders dan

van die gevaarlijke massa hartsmet de bewoners van ons werelddeel lang hebben opgehoopt? Nog eens de Gain's zonde, maar

eindelijke

sints

u,

ontbranding

gij

in reusachtige

heeft

de

en

ik,

afmetingen, geeft

zonde eens

hij

u

te

aanschouwen.

getoond, wat ze vermocht.

Nu

O viert

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's

Twaalftal leerredenen - pagina 156

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's