Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Twaalftal leerredenen - pagina 131

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Twaalftal leerredenen - pagina 131

(eerste en tweede zestal)

2 minuten leestijd

DE TROOST DER EEUWIGE VERKIEZING.

Wie

misbruik vreezen.

voor

düs spreekt, wil wijzer

de Heer in Zijn Woord. Hij, die meerder

dan

veel beter verstrikt

te

verzwegen.

was

hart, en

de arglistigheid kent, waarin ons hart dreigt

Woord

die

Welnu, dat Woord, zoo

als het

is,

wat dat na

waarheid

te

En,

zich sleept, zal Hij zorgen.

hem mag

ook

ontferming dorstte,

niet

hebben wij

ook slechts een enkele kleine, wiens

er

dan

zijn

dan ons

is

raken, Hij heeft in Zijn

Voor

prediken. al

wij,

131

naar die

ziel

die beker der vertroosting

niet door onze willekeur geroofd.

we moeten

Ja,

Een

sterker spreken.

kerk, die die verkie-

waarop

zing verzwijgt, ondermijnt het fundament,

leen

verkiezing

Heeren u

volkeren,

zijt

er een

is

Mijn

knecht,"

gemeente

daardoor ontstond

als

en onze

is

er een Israël onder de

wereld opgestaan. Hij sprak

verkiezing

is

dan

is

Denk dus

er geen

dat geheimnis u weg:

maar

het feit der

gemeente meer, maar

Het

maatschappij onverbiddelijk samen. het zoo ernstig beleden

vaderen

de ge-

is

de zaadkorrel, waaruit de

zeg nog eens, niet het leerstuk,

verkiezing, welnu,

kerk

in de

Hij riep, en daardoor

Israël.

De

planting der gemeente wast. ik

ze rust. Al-

dat feit der uitver-

Alleen omdat de Heer gesproken heeft: »Ik heb gij

meente geworden. bestrijd,

de onwankelbare grond, waarop de gemeente des

is

staat.

gegrepen,

en

maar

ik zeg niet dat leerstuk,

is

vloeit

wel, zoo

zonder die verkie-

:

zing mist de kerk haar hart.

En

toch

ontveinzen

we

het ons niet, M. H.! niets zoozeer

met de thans heerschende begrippen. waarheid is geheel vreemd geworden aan

als die verkiezing strijdt

De

belijdenis

den

dier

geest onzer eeuw.

Men

verzwijgt of bespot ze, nauwlijks

een glimlach wordt ze waardig gekeurd en verre

niet,

men

wat onmetelijke kracht nog steeds

En geen wonder, want

beginsel schuilt.

er

is

gist

zelfs

in dat

van

machtig

geen belijdenis,

die

zoo sterk indruist tegen den hoogmoed van het hart, ons

zoo

onverbiddelijk

allen

grond

wilt,

en nog

tot

opjaagt

verheffing

altijd

blijft

uit

onzen

beneemt.

er een

laatsten

schuilhoek en

Denk

welke

u,

leer

duimbreed gronds, waarop

ge

we

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's

Twaalftal leerredenen - pagina 131

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's