Revisie der revisie-legende - pagina 146
BEDINGEN VAN WETTIGE REVISIE.
144
Er
begeeren, overmits
revisie
in
van orthodoxe predikanten en gemeenteleden, die zulk een
tal
zijn
tegen
zij
van uitdrukkingen en leerbepalingen
tal
de Formulieren van eenigheid zeer ernstig bezwaar hebben, ofschoon ze
aan den Gereformeerden typus niet zouden willen raken.
Maar
er
eens zoo
er ook, die wel terdege
zijn
noemen,
te
wDordtsche^'
het
Formulieren
onze
uit
om
het
nu maar
zouden willen uitlichten,
het te vervangen door meer Luthersche denkbeelden
de één,
om
door eenigs-
Remonstrantsche voorstellingen de ander.
zins
Terwijl
met
hoewel
nog
eindelijk
er
een derde soort
leerbepaling
elke
hebbende, toch
vrede
of manier van zeggen
Schriftverklaring
gevonden wordt,
lieden
die,
meer dan één
door
zich gedrukt gevoelen, en deswege
een sobere uitzuivering niet ongaarne zouden zien.
Waar dan nog aan der
heid
terijen
is
toe te voegen, dat bijna door allen de gehouden-
om
kerk wordt erkend,
tegenover de vannieuws opgekomen ket-
en den schrikkelijken afval op godsdienstig, zedelijk, maatschappelijk
Woord
en staatkundig gebied, de belijdenis naar Gods
nader toe te lichten
en broeder te omschreven.
Maar
dan moeten gaan?
hoe zal dat
Naar welke regelen
zal
Aan welke bedingen ongebonden willekeur
Op
die vragen
zich
bij
zoo gewichtig werk hebben te gedragen?
men, revideerende, gebonden wezen,
zal
om
niet in
te vervallen?
dan toch een antwoord moeten gegeven worden.
zal
Een antwoord nu de
men
te dringender noodig,
wijl
thans niet meer gelijk in
de wereldlijke overheid tegen misbruik van macht en onbe-
17e eeuw,
zonnen willekeur waken kan. Bij
stemming zulk een antwoord
Want immers willen
dat
het
het bij
is
zulk
laten
opmaken, gaat niet aan.
de vraag, hoe de meesten onder ons zouden
niet
een revisie
toeging, maar hoe het daarbij behoort
toe te gaan.
Er
macht, waarvoor een iegelijk
een hoogere
is
onzer, hetzg hij rechts
of links sta, heeft te bukken.
En
die
hoogere
macht, dat stemt
men Immers
Koning
sprekende
Jezus^
oorkonden van
Zoo
blijkt
schier alles
in
zijn
toe, is
voor de vaststel-
meer de magistraat, maar
alleen
Woord, en dat Woord uitleggende
in de
ling van de Formulieren van eenigheid niet
zijn kerk.
dus
vanzelf, dat op het terrein
aan zal komen
van een Gereformeerde kerk
op de voor de hand liggende vraag
:
Wat
leert
desaangaande de historie?
En
naardien
omstandig
de
vraag:
onderzoek
wat
vatbaar
is,
de
historie leert? alleszins voor
hebben we
ter bedariug
kalm en
van het woelige
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879
Abraham Kuyper Collection | 176 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879
Abraham Kuyper Collection | 176 Pagina's