Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Twaalftal leerredenen - pagina 20

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Twaalftal leerredenen - pagina 20

(eerste en tweede zestal)

2 minuten leestijd

— 20

NABIJ GOD TE ZIJN.

afwoog

lijden

geen

en

druppel

gezien hebt ge 't

Hem

dat

weent op,

met u

zelf

ge

Zijne

in

zondigen

uw

want van

u

Hij

o,

Ja

maar

dan

dat

ziet

ge

en daarom klaagt ge niet meer, en

het u zoo goed in eiken strijd,

is

en

afgemat,

als

ge

maar

vlucht in

het u goed, hoe

God

reikt,

uwe

't

men

moet ge

uit

ziel

wapenen

de

en Zijn hand de onheilig vuur op

ijver is

bezoeken:

slaat,

weer kracht en druppelt wonde. Dan wordt elke strijd u een strijd voor

zult,

God, dan

van harte

niet

uw moede

geeft Hij

Hem, waarin hanteeren

u mengde, opdat

maar neemt uw levenskruis blijmoedig uwen God die worsteling Zijner liefde te

verwond

ook

tente,

balsem

zijn,

God

Nabij God, o dan

want hoe

voor

lijdenskelk

lijden te

lijdt,

meer,

niet

om, kon het

sparen.

dan, dat

't

smart u met

zelf

Hij

de

zelf

veel in dien beker zou gegoten worden.

te

die ge in dien strijd

terug houdt, waar ge in

outer werpen zoudt.

Nabij

u ook schrijne of beleedige,

altijd

van over de bergen uwer

eigen zonden op de zonden van anderen zien, en wat het verst

van het oog

dan

schijnt

ligt,

dan kost het u niet meer, en

ontfermend

beek

der

ontspringt

waaruit

te

liefde

en

ge

zijn,

in

welt

u

om

want

altijd

het kleinst.

al

vloeide

zelven droog.

Nabij God,

.

.

.

dan ook de afgeleide

uw

nabij u, aan

voet

dan immers de bron der Eeuwige Liefde,

met handvollen scheppen

neen dan ontzinkt u

mild en erbarmend, goeddoende

kunt.

uw

Nabij

God,

nooit het vertrouwen, hoe ook de sathan

u aanvechte en de verleiding u haar strikken spanne.

want Wiens hand u ten schild, Wiens arm u ten rondas zal zijn, en omdat ge onder de vleugelen des Almachtigen rust, weet ge dat geen kwaad u kan deeren. O zoo is het u goed nabij den Heer, wat zorg u ook het hart beklemme, omdat de sluier der toekomst u dan een handbreedte is opgelicht, en ge wel niet alles ziet, wat vóór het einde ligt, maar het einde zelf dan toch, en ziet dat dat goed zal zijn. En daarom is het u niet slechts goed nabij uw God te zijn in uw leven, maar is het de diepste bede uwer ziel, eens ook in uw sterven nabij den Heer te wezen,... nabij Hem in die nabij

is

dan

.

.

.

die sterke Held,

!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's

Twaalftal leerredenen - pagina 20

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's