Revisie der revisie-legende - pagina 14
«PUBLYCK epistel" AAN DR.
12
met meê
op
reeds
blz.
uw
van
1
ü
>dat ik
te deelen:
3.
VAN TOORENENBERGEN.
J.
mg
vlugschrift ook van
niet gevat,
uw
uw
aan
lezers
bedoeling niet begrepen heb»
en dus een voorstelling van de quaestie gaf, die kant noch wal raakt."
Wel had
»van woorde
ik
en betuigingen
om U
tot
woorde" letterlek uw eigen verklaringen
en er opzettelyk drie bladzijden aan gewgd,
afgedrukt
den pas ter ontduiking en ter denatureering van de quaestie af
sngden.
te
Maar
baatte noch hielp en zonder eenige weerlegging van mijne
dit
desbetreffende
uiteenzetting,
de zenuw van
mgn
Gij
U
aan de poging,
tegen windmolens streed, want dat ik
eigenlgk
ik
waagt
gansche betoog met het beweren door
toegedicht,
volstrekt
die
bg
niet
U
U
En
bestond.
om te
terstond
suyden, dat
een bedoeling heb
alsnu
er toe over-
om
dan nu eens klaar en oadubbelziunig, eu in woorden voor tweeërlei uitlegging vatbaar te zeggen, wat Gg dan wèl bedoeld
gaande,
geen
hadt, schrijft gij: »Ik bedoelde het beginsel der vrijheid en gehoorzaamheid
aan Gods
Gereformeerde Kerk, vooral door hare
Wooi'd, hetwelk in de
neinendste dienaren, in haren bloeitijd steeds gehandhaafd
naar hetwelk men onderscheid maakt tusschen leer en
letter
hoofdzaak en bijzaak^'
leervoorstelling,
U
Hier nu, zeer waarde Broeder, heeft, gelijk
gewone bedachtzaamheid integendeel
zetten,
te
Want zou
uw
veroorlooft Gij
ware
ik,
dit
U
1,
(p.
verlaten, en hebt Gij,
metterdaad
—
nit-
het beginsel
en geest, substantie der 2).
terstond blijken
meenende
my
uw
zal,
schaakmat
positie op ongelooflgke wijze verzwakt.
eigeji
mij,
is,
het
U
uw
oorspronkelyke bedoeling geweest, heusch
te
zeggen zooals het er toe
ligt,
dan
meer dan honderd bladzijden geschreven hebben, om U te rescontreeren, en met een halve kolom in een weekblad uitmuntend ter weerlegging van uw dan nietszeggend betoog hebben kunnen volstaan. Neem ik toch voor een oogenblik eens aan, dat in bovengemelde woorden »de waarheid, al de waarheid en niets dan de waarheid'^ van geen
uw
boek
van
oorspronkelijke bedoeling metterdaad omschreven staat, zie zelf eens,
met wat
eenvoudige
uiterst
redeneering
Gij
dan,
om
niet
weer op
te
staan, omverligt.
had;
Ik
wel,
let
in
uio
voordeel;
hoogleeraren van onze academiën
van meetaf door gelijk Gij
U
;
—
de quaestie gespecialiseerd tot de
maar
Gij
beweert dan nu, dat ze
gegeneraliseerd bedoeld was, en alzoo diende toegepast
zegt, op de kerk generaal en dus op al haar dienaren.
Het zg zoo! Gij beweert
voor
de
gewone leer,
dan nu derhalve, dat de heeren Walaeus c. s., niet enkel die Staatsèi&noxen waren, maar ook voor de
hoogleeraren,
dienaren
der kerk,
de
binding aan meer dan de substantie der
voor oneerlijk, ongeoorloofd en ongereformeerd hebben gehouden.
Maar
Gij
weet
dan toch,
niet
waar?
dat de Dordtsche onderteeke-
uingsformule ; nu niet voor de hoogleeraren,
maar voor de predikanten;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879
Abraham Kuyper Collection | 176 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879
Abraham Kuyper Collection | 176 Pagina's