Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Twaalftal leerredenen - pagina 143

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Twaalftal leerredenen - pagina 143

(eerste en tweede zestal)

2 minuten leestijd

143

DE TROOST DER EEUWIGE VERKIEZING. 1 ''

van dat Jeruzalem spreken zullen,' en roepen: dat met het Volbracht »die strijd ver-

dat ze »naar het hart

haar toe zullen

vuld"

^ongerechtigheid verzoend is" en

in het Kruis die

dat

»van de hand des Heeren dub-

dat in den Christus dat Israël

ontvangen heeft voor al zijne zonden."

bel

En

drinkt die vertroosting

Israël

ontfermende genade

is

als

druppelt op den dorstigen

in

bodem

met

die zachtkens neer-

zijner ziel.

Die troost

hun van den hemelschen wijnstok

gereikt.

is

brandende

het hemelsche manna, een koele druif voor de pen,

Die

volle teugen.

dauw

een milde

Want

hem lip-

ze zijn ge-

jaagd, ze zijn vervolgd, die knechten en dienstmaagden des Heeren, die wereld door Zijne ontferming gegrepen zijn.

juist wijl ze uit

Ze waren in toe. Ook van hen kon dood en hel getuigen: zietdaar de buit dien ik gewonnen heb, mijn rijkdom en mijn prooi! Maar de Heer heeft met Zijn machtigen arm in dien buit gegrepen. Hij heeft ze uit die wegsleuring

Ook

haar

behoorden eens aan die wereld

zij

haar eigendom.

macht,

uitverkoren.

Hij heeft ze tot zich geroepen.

wereld ontnomen, ze geroofd

die

uit die

Hij heeft ze

aan

schatkamer der zonde,

aan de macht van dood en hel ontrukt.

ze

En daarom waakt de

om

schuilhoek

ste

geest der verderving op uit zijn diep-

dien roof te wreken, te heroveren, wat door

Gods hand hem ontrukt werd, en de met leven bevruchte zielen weer te bezwangeren met den dood. Hij vergeet den reeds gemaakten buit, om alleen op hen zich te werpen. Geen macht die hij tegen giftigste

hen

pijlen

De

doorboren.

niet oproept.

spant fiolen

hij

op

van

Niets dat hij

den

zijn

over hen uitgegoten. Hij omringt, voet voor voet.

boog,

omcingelt

hij

Of zoekt,

liever

nog,

maar den

volk zijn bestrijdt tus,

Hem

het

zijn

niet

maar hun

ze,

De te

wellust

beperkt ze

van angst en vreeze

macht. de

uitverkoornen die Sathan

eenig Verkoorne in hen. hij,

de lever

op, voort en altijd ver-

der, tot ze als een ree op de bergen zijn, zijn

spaart.

jammer worden met

Hij jaagt ze rusteloos

huiverend en sidderend voor

hun

om hun

Niet die van Israëls

gezalfden Koning.

alleen geldt zijn verbeten woede. Niet

Den

Chris-

Gods kinderen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's

Twaalftal leerredenen - pagina 143

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's