Revisie der revisie-legende - pagina 26
»PUBLYCK epistel" AAN DR.
24
overtuiging uitgesproken
mijn
U
en voor
,
VAN TOORENENBERGEN.
J.
J.
gevraagd, niet
een gunst,
als
eene eer, waar uwe studiën U recht op gaven. heb meer gedaan. Destgds, lid der Tweede Kamer, heb ik mijn invloed, hoe gering dan ook, aangewend, om U benoemd te krijgen*
maar
als
Ik
Niet dat ik tegen Beets was.
Ge
hoe hoog ik
weet,
dezen vaderlandschen zanger en belletrist en
Salomonischen redenaar waardeer.
Maar Beets
wist
dit
,
En nu
gemaakt.
te
ieder,
had
geen
studie
van de kerkhistorie
de vaderlandsche kerkhistorie destijds nog
Leiden
braak lag, en Groningen geen hope bood, was het m. i. een onvergeefzoowel van de faculteit als van de curatoren en van den fout,
lyke
Zaken
Minister van Binnenlandsche kerkhistorie de kracht van
,
man
een
dat
ü
ze
vergden
,
passeerden en voor de
die op drie andere terrei-
nen tegelijk schitteren, maar in deze bepaalde provincie der wetenschappen nooit lauweren winnen kon. Maef ik vra^fen verried dit soms mindere welwillendheid? :
Maar daar liet ik het niet bij. Toen later het Kabinet U aan den Koning voordroeg, om bieden
aan te
ridderorde
,
ü
een
ben ik nogmaals op de zaak teruggekomen,
en heb nog uit Nice openlijk aan de Ministers verklaard, dat dit eereteeken
ü
nooit vergoeding kon zijn voor het passeeren
U
Toen men
bij
kerkelijke
uw
trouwe wachter voor
heeft de
de Synode,
over
de
als
eere niet nagelaten even beslist tegen-
tegen den
eertijds
te Utrecht.
benoemingen nogmaals voorb^ging, op
Minister,
tekort van
dit
eerbetoon te wijzen.
En
indien
ik
bij
de
Amsterdamsche vacature zweeg, dan was het maar overmits het betalen uit
waarlijk niet uit mindere welwillendheid
stedelyke
fondsen
,
voor iemand die
van geld
Irenische theologie
doceeren, mij een te stuitend onrecht dunkt, dan dat
U
punt, voor
Zoo
meen
zulk een
dikwijls ik ik
steeds
my
eer aanleiding te
te
Dankbaar
zijn
uw uitnemende
talent heeft lof ontvangen
buiten
U
heb uitgelaten
om U op uw
hebben gegeven,
doen denken, dan dat ik afdong
lof
acht Gij soms, dat
Igker kring
van mijn stand-
doteering mocht wenschen. overigens in het publiek over
bundigen
uw En
ik,
studiën steeds ;
met
aan
te
uit-
verdiensten.
eere door mij vermeld;
uw scherpzinnigheid
alle eer.
aldus in het publiek sprekende, in vertrouwe-
mij ongunstiger zor hebben uitgelaten, dan noodig ik
mg om,
komt
ik,
bg mijn intiemste vrienden een verhoor in
te
ü
uit,
stellen,
en ik ben overtuigd, dat de uitkomst elke achterdocht zal beschameu.
Er bestond voor de booze bedoeling,
die
Gg mg
ten
uwent
toedicht,
dan ook geen aanleiding.
Eer integendeel moest én persoonlgke herinnering én de aard uwer
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879
Abraham Kuyper Collection | 176 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879
Abraham Kuyper Collection | 176 Pagina's