Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Twaalftal leerredenen - pagina 211

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Twaalftal leerredenen - pagina 211

(eerste en tweede zestal)

2 minuten leestijd

DE HEERE ONZE ROTSSTEEN.

21

1

wierden ze ook van allen verlaten, nogtans zouden ze on-

Al

wrikbaar hoofd

staan

Al

!

toch

is

eene

Rots

hij

Hem. En daarom, opgebeurd het moede bodem der dingen nog niet.

in

ge den eeuwigen

ziet

toch

er,

breidt

om, wat ook

in

steen blijven,

uw

zich uit onder u.

hij

mag uwe

gegrond",

ziel

u bezwijke, mits ge

uw

grond,

eeuwig

»Ik sta op

Want, wat ook

juichen.

gelooft, zal Hij

uw

Rots-

deel.

III.

We

gaan verder M. H.

om

Sinaï op,

door de woestijn. Israël

uit

Egypte vonden

In

gehouwen,

Gods gegrond

raël

van

zijn Israël zorgt.

zeggen,

Rotssteen

weet

aan

onze

laat

waarop

het Is-

Steenrots der Woestijn

nu dan de

dit

landouwen,

vette

kunnen aan

Rotssteen, waar-

beeld van den „Levensverzorger"

het

ons klinkt

het,

we den

Sinaï den Rotssteen,

hoe de Heer, ónze Steenrots, voor het leven

ons

ik

bij

is,

het

De

en breken met Israël van voor den

!

het volk der openbaring te volgen op zijn tocht

de

kale,

vreemd

rotsklip.

met wat geheel andere gewaarwording

!

.

.

.

o,

gewoon

die,

met huivering denken

dan

niet

naakte

de ooren,

in

Maar

wilt ge weten,

die Steenrots door

den

reiziger der woestijn

wordt begroet, hoort dan, hoe Jesaia ons

hem

een

beschrijft,

waterbeek

dorstig land"

toch

kunt

Steenrots die,

als

dorre

in

En immers,

*).

gij

«verberging tegen den wind, als een

plaatsen,

als

al

het u voorstellen,

schuilt.

O

!

schaduw

r

denk u dien uitgeputten

wadend door de zandgolven der

Rotssteen loozen

begroet.

hemel

op

werpend

w eet ge het niet waarom zooveel

Ziet,

hem

als

en

in

een

ervaring,

zegen

in die

reiziger slechts,

woestijn, van verre den

vuur valt de

neer,

bij

hitte uit

gloeit

den wolke-

hem zengend

uit

den bodem tegen, teruggekaatst door het glinsterend zand. Die

vuurbodem onder

zijn

voet wijkt en doet

hem

terugglijden bij

elke schrede. Het scherpe stuifzand, door den wind

dwarrelt

')

om hem

Jesaia 32

:

2.

opgenomen

heen, verschroeit zijn ooglid en schuurt zijn

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's

Twaalftal leerredenen - pagina 211

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's