Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Twaalftal leerredenen - pagina 242

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Twaalftal leerredenen - pagina 242

(eerste en tweede zestal)

2 minuten leestijd

242

GODSDIENST

Maar Gods

dieper

van

walging

»hoe

Als onze

Gods

in

eeuwige

Liefde

Gods wil onze geest

O

sloeg.

zal

ik

uw

dan wordt dat »schaamt u en wordt

aan onze

ook

ziel

in al

verschrikking ver-

zijn

weet

en

God

kent,

God

voor

doorleeft.

Ik

ken

Maar toch

dit

uw

eigen ervaring zal mij getuigenis geven: zoo

de

oogenblikken,

zult ge in die ure,

uw God

onmacht voor

uw

ziel

gebedsstond

uw God

uwen God hebt

en

de ure geweest

met de

meer dan meer dan

uw

ooit,

met

ooit

zijn,

dat ook

diepste ontroering

uw

gij

met de

schuld voor

beleden.

de zondaar, wat

Ach,

gevoeld,

gestreden

aan Zijn genade gehangen hebben, en toch die

zal juist

tranen

heetste

dan

waar,

niet

zedelijke

uw

die ge op de knieën voor

doorworstelt, dat ge in smeeking voor

hebt,

heel

ge

dat

niet,

ik,

ze

gij

om verzoening op.

nu, laat mij ten slotte mij op uzelven beroepen.

leven

om

dan, ais het leedgevoel

!

vuld, en klimt »uit de diepte der ellende" de bede

En

zalig

eeuwige diepte des Satans, door onze zonden geopend voor

vloekend, als

verschijnt,

schaamrood,"

»hoe

is,

verteert, als de

ziel

Erbarmer

God,

onzen

om

droefheid

in

worden?" de Naam van mijnen God worden geëerd." haar eigen zonden de wonden ziet, die ze aan

zal

ziel

gaat de gang van het schuldbesef,

aan zichzelf overslaat

het niet meer

Als

wil.

maar

nog

toch,

het

als

ZEDELIJKHEID.

EN

anders dan een dorstige, wien

hij

is

de dorstkoorts de tong schier vereeld en de lippen verhard en verbijsterd heeft, dat hij zijn eigen dorst niet

de zinnen gevoelt.

Maar

vocht op

die verstijfde tong,

nu,

bet

die

verstramde

bedauw

lippen,

meer

druppel het

die verbijsterde ziel

met

»den adem der ontfermende vertroosting," en neen, dan wijkt

maar

begint

de

dorst

der

vraagt dat een volle beker

niet,

op

juist

hem

te

leven,

en

de

lij-

voor dien enkelen druppel

worde gegund. dan

Zietdaar

de

alleen

veilige

weg M.

H.,

om, waar zich

geestelijke

vraagstukken aan ons opdringen en ons dreigen

verwarren,

tot rust

Het

is

de

weg

en oplossing

te

te

geraken.

der geestelijke ervaring, die niet in het afge-

trokken denken zich

verliest,

maar de dingen des

geestes aan-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's

Twaalftal leerredenen - pagina 242

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's