Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Twaalftal leerredenen - pagina 112

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Twaalftal leerredenen - pagina 112

(eerste en tweede zestal)

2 minuten leestijd

112

MARIA

schouwspel, waarop

we

HET KRUIS.

BIJ

In waarheid, de duisternis die

staren.

straks den kruisheuvel omhult,

slecht de symbolische sprake der natuur voor den duisteren nacht der zonde, die op dat Golgotha al haar diepste donkerheid om den Man van smarten Zelfs de deernis der

uitgiet.

weg, boet heur

die weenen op den kruisden somberen gloed waarin het

moordenaar

de

ons terug door de bloedschuld, die aan zijn nu

schrikt

keert,

vrouwen

in bij

woord des Heeren ons heur toekomst doet zien. die zich nog stervend aan het kruis be-

profetisch Zelfs

glans

is

kleeft. Neen, hoe we ook beurtelings al de ontzettende tafereelen, waaraan dat kruisverhaal zoo rijk is, voor onze oogen laten voorbijgaan, telkens herkent ons oog

handen

doorgraven

dezelfde

gestalte

ons

Yoor

vluchten,

zoo

Hij,

en

ons

hier

niet

alzoo,

.

.

.

neen,

hier

is

het veeleer of een

lichtbeeld in die donkerheid wordt ingetooverd, of een

liefelijk

aantrekkelijk

tafereel

tusschen die afschuwwekkende gebeurte-

nissen wordt ingeschoven. Maria delijk gelaat te

van

tooning

midden

liefde

bij

het kruis, dat

midden der zondigste

te

is

een vrien-

dier stroeve, nijdige gestalten: een be-

den gloeiendsten haat zich lucht is

van Golgotha zou doen weg-

ijlings

daar Zijn bloed voor ons vergiet, ons

die

aan dat Golgotha boeide.

niet blijvend

Maar

der zonde, die in telkens wisselende vormen

treedt,

geeft.

Maria

zelfzucht, die in

het kruis, dat

bij

een vriendelijke lichtstraal op het vloekhout geworpen, een

bedrijf

in het lang verhaal

van Jezus

lijden, dat

een lijdenstafereel meer noemen kunnen.

ook

bij

Heiland,

Maria

dat

kruis

ontmoet, ge zoudt

Niet

hem

uit

we

nauwlijks

waar? wien ge liefde

voor

van voor dat kruis willen terugdringen, maar

den

kruisheuvel

naderen

ziet,

begroet

als

elks hart

uw ge

haar

komst met onverholen welgevallen, en voelen we als van zelf den wensch in ons eigen binnenste opkomen: O! mocht ook ik bij het kruis mijns

Heeren staan met zulk een wegslepende

liefde als zij!

Maria

is

aanminnig

een raadselachtige en toch zoo aanminnige gestalte: bij

de

kribbe

en het

kruis,

maar

raadselachtig al

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's

Twaalftal leerredenen - pagina 112

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's