Twaalftal leerredenen - pagina 95
(eerste en tweede zestal)
DE VLOEK DER VERSTANDSRICHTING.
naar
het
leven
moet de geen
het
is
werkelijk
Dat
wijst hij ons.
ontvangen, en waar ze het ontvangt, daar
ziel
eigen bezit,
waarmede de mensch
God
tegenover
uitwendig
Gods dringt en
leven
95
—
kan plaatsen,
nogmaals
zich
neen, daar
is
een wonen, een werkelijk wonen van Christus zelf in ons groeien
we
omdat
God,
in
geworteld
in Zijn liefde
:
zijn,
het
een
een
met onze ziel in den stroom Zijns levens, een rusten, met het gebouwte van onzen geest op dien God, in Wien we als het fundament onzer ziele zijn gegrond. Dan eerst volgt drijven
bewustzijn,
het
denken
en
denken
is
en
bewustzijn ontwikkelt zich een
uit dat
ja,
kennen
een
weten,
en begrijpen
maar toch
;
dat
de afspiegeling van het gewekte leven: dat
slechts
leven, die kracht uit den
Hooge
is
de kiem waaruit alleen het
wezen des christendoms uitspruit, en niet wat ge geleerd hebt, maar wat in u is, blijft de hoofdzaak de vraag voor het ;
Evangelie
Wat
dunkt
nog?
Is
u,
gij
zijt."
doordringt dat besef het lichaam onzer kerk
u nog mogelijk
het
opvatting
volle
»wat ge denkt," maar »wat
niet
is
iets
van den godsdienst
van die werkelijke, krachtals leven in
den sleurgang
onzer kerk terug te vinden? Och! hoe gaat het ten onzent
De
meerderdeel?
het
spreekt
Bijbel
van
daarvan wordt onzen kinderen ingeprent, tige
gebeurde
wat geschied
van
realiteit
der
leer tal
nemen, zegd,
Op
en niet de mach-
het verhaal van het
voortaan
maar
tal
van waarheden
.
.
een werk
seurig
in
zich op te
in
geleerd, niet erkend
de inhoud van hun godsdienst
beuzelen,
.
dien zandgrond wordt het gebouwte
een
stellingen,
die niet beleefd
en
—
en nogmaals het geheugen gedwongen
opgetrokken,
van
spreken
maar
grondslag van hun godsdienst gelegd,
als
van het geheugen dus. een
is,
bij
feiten: het verhaal
maar nage-
zijn.
Daarover
een cirkel redeneeren, einde-
loos hetzelfde herhalen en vaardig zijn in dat onheilig steekspel,
waarin het mishandeld schriftwoord schild en werpspies beide is,
geldt
Jezus,
dingen
voor de gemeenschap der heiligen.
een
peinzen
eindelijk,
is
over
God,
Een denken aan
een mijmeren over goddelijke
de hoogste uiting waartoe dat
uitwendig
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879
Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879
Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's