Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Twaalftal leerredenen - pagina 182

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Twaalftal leerredenen - pagina 182

(eerste en tweede zestal)

2 minuten leestijd

HET KRUIS VAN CHRISTUS HET LEVENSIDEAAL.

182

»boom der

kennisse",

zoudt van zijn vrucht,

waarvan men u influisterde, dat ge eten om u meer mensch te gevoelen ? Is het

de mensch onzer eeuw,

dan

niet

zijn

heerscherstaf,

nu pocht

die,

wijl het stof

zwicht voor

dien staf als tooverscepter zwaaien wil, en

hovaardij, dat elk mysterie zich voor dien scepter

in

ontsluiten, elke geestesmacht

daarvoor sidderen, elke sfeer der

En nu, zegt het mij, wat was de uitkomst? Nu dan met dien arren moed steeds naar meer gestreefd, steeds naar hooger werd doorgedrongen, hebt daarvoor

schepping

gij

nu

dan

den

moet?

buigen

verhoogd, den vrede des harten

levensglans

vermeerderd, het leven veredeld gevonden? Maar immers, zoo zijt

uw

gewrongen en

wat

in

gij

zelf doorleeft,

en

is

der

niet,

O, ik hoor

eigen

haar reeds

zijn

ziel

heeft

het

ervaren, hoe de

afgevroren in die ijskoude berg-

we zijn opgestuwd, door het dringen uw roepen wel »onze eeuw is groot!"

bracht

veel

straten. Sneller

ze

saam-

laafnis biedt, steeds meer in dien werd vertreden, en neen, ik bedrieg

waarin

lucht,

of ook

die

ziele

uw

ook

trek,

hebt het gevoeld, hoe wat teeder

gij

der menschheid

vingertoppen

lijk

Ook

lippen.

heilig

drijfjacht

mij

vreemdelingen

geen

gij

oog heeft ze bespied, dien steeds gejaagder

tot stand.

onzer eeuw.

en gewisse-

Beter licht ontstak ze op onze

stuwde ze ons' voort op onze

reizen.

Met kwis-

gemak en weelde om ons heen. Maar zegt het mij, als dat scheller licht op uw straten door meer donkerheid in het hart een sneller reizen door een nooit komen in het eeuwig Vaderland: die weelde in uwe woning door de armoe uwer ziel moet gekocht worden, — in ernst, wie is er, die dan nog die schade winst durft noemen? wie uwer maakt dan nog tige

hand

.spreidde

ze

:

met een lach om de lippen dien doodbrengenden bergtocht meè? Wat dan Gel.? Of we dan, door zoo smartelijke ervaring

maar

teleurgesteld,

deel aan vreugd, dat

lauwen

den

eeuwigen

slechts'

zullen

we hebben,

die

we

zijn,

het schamel

voor rijkdom zullen aanzien,

toortswalm, die ons beschijnt, voor het licht van

den

spelend,

blijven

morgen? Maar hoe, woudt ge dan weer half maar die ingebeeld, slechts gezonnen is, en waarmee de werkehalf

tooverend, u vermeien in een vreugd,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's

Twaalftal leerredenen - pagina 182

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's