Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Revisie der revisie-legende - pagina 130

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Revisie der revisie-legende - pagina 130

2 minuten leestijd

128

WEKELÜ-CONCILIE EK SYNODE-N ATIONAEL.

her rakend

Daar toch

Van Toorenenbergen

gens tegenover phraseologie gesteld wordt, en dus Dr. recht

elk

om van

miste

wat op den inhoud

al

betrekking had, zeer

Nu

nmaar ook de methode'^

een

en de

te spreken,

Van Toorenenbergen dwingt, om

samenhang bovendien ook Dr. dat

dat methode ner-

de officiëele acten vaststaat,

«it

te erkennen,

//hoofdzaak," maar ,/den inhoud") der leer

(niet

was uitgesloten.

stellig

bestaat er ook ten opzichte

van

deze tekstrevisie op de, in

engeren

Nationale Synode tweeërlei voorstelling.

zin,

Naar

beschreven

de

Van Toorenenbergen wordt

van

vaderen

zeer

met

alleen

niet

,

hooge beteekenis tact

verdedigd,

zijn

en

geweest

nauwkeurig-

ook met groote vrijmoedigheid zeer belangrijke veranderingen,

maar

de zegswijzen, maar ook in de zaleen der Confessie hadden

in

alleen

niet

Dr.

daad

een

tekstrevisie

waarbij

heid,

die door

luid de ééne,

deze

zou

aangebracht.

van heeler harte aansluiten,

deze

ons

wij

van onze kerk geen de minste beteekenis heeft.

Hoezeer nu Dr. Van Toorenenbergen, ook

waarbij ook

tekstrevisie bijna geheel van huishoude-

was, uitsluitend de zegsmanieren betrof en voor deleerontwik-

lijken aard

keling

andere voorstelling,

de

volgens

Terwijl omgekeerd,

afgeleid,

en

door zijn vooropge vatte meeningen, van het rechte spoor heeft

ondanks, het kerkelijk publiek

zijns

hier,

op

zelf

schier

onbegrijpelijke wijze afdoolde, kan

blijken

uit

deze navolgende bewijsgronden:

de onbeduidendheid der veranderingen zelven.

1.

Uit

De

aangebrachte veranderingen toch, die in aanmerking

er

als

van dogmatische veranderingen sprake

is,

kunnen komen,

bepalen zich tot een

vijftal,

en dat wel in

a.

Art. 8

een eenig

die

heid

en

van

schappen,"

God,

die

waar

,

Wezen

men

schreef:

in

hetwelk

is,

eeuwigheid

wat

voor

er

zijn

eerst is,

drie

wij

in een eeuigeu

God,

personen, inderdaad en waar-

naar hunne onmededeelbare eigen-

onderscheiden

Wezen

een eenich

//Zoo gelooven

„Zoo

stond:

gelooven

wij

in

een eenigen

inderdaet ende waerheyt ende van eeuwigheyt

onderscheiden in drie personen, elck hare bijzondere eigenschappen hebbende." Niets dus dan een vloeiender spreekmanier, juister woordenkeus en puntiger omschrijving van geheel dezelfde zaak. b.

in Art.

vereenigd en

19,

naturen zijn alzoo

neming van een c.

in

Art.

waar stond:

maken één persoon

//Deze ,''

zamen vereenigd

te

twee

natureu

zijn

alzoo te

en waarvoor men schreef: in één

zamen

//Deze twee

persoon." Eenvoudig de weg-

Gallicisme. ."^0,

waar

gelezen werd:

//Om

te

boeten en te straffen de

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 176 Pagina's

Revisie der revisie-legende - pagina 130

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 176 Pagina's