Twaalftal leerredenen - pagina 169
(eerste en tweede zestal)
RUST DER ZIEL
er
Ja Gel.
brak,
ook
is
waarom Zion
meer,
is
we
Spreken
!
het
het niet, die uit-
naar
die
elk,
werkelijkheid
dorst.
beschaving was het wachtwoord onzer eeuw
onderwerping
door
Niet
worden geheeld. O, wat
onzer eeuw
we
met den brand
woord, maar wonde van ons
Gods
aan
door vooruitgang, door ontwikkeling, moest de geslacht
169
weefsel der gedachten van den tijdgeest in
het
niet,
geworden.
verhelen
juicht,
Ziet toch,
uit.
vlammen opgegaan voor Godsvrucht
DE ONRUST DER TIJDEN.
BIJ
men
heeft
goed gedaan
al niet te
aan die glorie
zich
Een ware afgod was
!
die
eeuw voor hare zonen geworden. Hoog op het voetstuk stond ze daar, alle vroegere eeuwen overschaduwend, en als van een andere Diana weergalmde het „Groot is onze eeuw!" wan de
lippen
der
—
volkeren.
En
thans, hoe
ligt
ze smadelijk
van haar voetstuk neergeworpen, hoe weeklagen haar priesters verborgen, hoe
in het
geen
krijg
meer
onze
eeuw
door
!
stoffelijk
menschenmin
ideën van
haar eere vergaan
is
komen
?
Immers, daar kon
werd
minder
Al
hij
mogelijk,
nu
belang de volkeren vereenigd, door
ze verzwagerd, door haar ijzeren spoor
de krijg nog uit, maar het was met den woesten Rus, met den ruwen Czech. met clen bigotten Italiaan, met Amerika's ontmenschte slavenhouders. Wat bewees dat tegen onze eeuw? Die volkeren waren met haar
verbonden had.
ze
geest
nog
niet
Wel brak
bezwangerd, nog
bedropen met haar
niet
op den weg der beschaving nog niet meêgegleden. tegenstelling
men
wees
waar het
Europa,
u
op
huwelijk
de
van
volkeren
uit
„verlichting
En
licht,
als bij
het hart van
en van vrede"
reeds haar gouden bruiloft had gevierd.
En
nu,
verbleeken,
op het
ten
arme eeuw
—
!
dat
wreed
ge zoo
uw
illusiën
zaagt
wat zien we nu'? Immers twee volkeren trekken
strijde,
tooverwoord
en op het veld van beider wapenschild prijkt
van
„beschaving"
waren het maar thans, als
den
als
Ach, immers achter de middeneeuwen
zijn
tijdgeest ten spot.
we teruggeworpen. kampten
Voorheen
slechts
dood,
in Attila's dagen, zijn het
volkeren, die het zwaard in de
slagorden
hand
zich
die
tot
den
weer ganschc
moordend op
elkan-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879
Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879
Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's