Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Twaalftal leerredenen - pagina 257

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Twaalftal leerredenen - pagina 257

(eerste en tweede zestal)

2 minuten leestijd

HET ONBEWUST ADVENTSGEBED. doet lezen:

wal

»Gij zegt: liet

nuttigheid

Profeet

ken

gebouwd," en immers het

worden

doen,

het volk in

heeft

al

Godgetrouwen

de

(ook

volgend hoofdstuk

dienen; want

te

En nu

het dat wij Zijn wacht waarnemen'?

is

hoogmoedigen gelukzalig: ook

wij achten de

de

God

vergeefs,

te

is

20/

die goddeloosheid

lijdt

geen

twijfel,

zie slechts in

vers 2 van het

»Ulieden daarentegen die den Heer vreest"

:

of

schakeeringen toegespro-

zijn

maar ook do afgedoolde en nog onbekeerden) toen hij, onder de bezieling des Heiligen Geestes, van den komenden Messias sprak.

Ook

menschenhart

het

uit

opvangen,

schreien

Bethlehem's kribbe

ook

verklaarbare,

die

van

wat

storing,

dat onbewuste

weten,

te

liet

van

profetie

het menschenhart,

uit

want immers

ja in hem nog sterker, vindt ge die onwondere mengeling van schoonheid en ver-

mensch,

den

in

Ook

is.

we dan

willen

zonder

dat,

en

boeit

ook

die

afstuit,

de onbezielde

in

schepping zich aan ons opdrong en eerst begrepen werd, toen

van haar God verlaten tempel voor ons

ze als een

zouden

ook

ge

bespeurt

wordt ge teleurgesteld en vindt ge

dan

krachteloosheid

oog

te

schieten,

en

en

dan donkerheid

uzelven

Telkens

trad.

nopen

verschijnselen, die u

de erkenning van leven en kracht; maar ach, even

tot

dikwijls

niets

mensch

den

in

van

en

dood.

hem

toch,

niets

de

in

ziel

grijpend, vindt ge

de binnenkameren van

in

anderen

op den bodem

Lichtstralen schijnen door zijn

zijn

ge voor God, dat

belijdt

hart.

Van

en

gij

zijn

er

zij,

met hen,

in

zonde ontvangen en geboren

onder die

in

zonde verlorenen, ook onder de nog niet bekeer-

den,

ge

gij,

die

gevoelt

een

liefbebt,

in

zijn

moeder!

u,

als

met heel uw

als

magen

uw

en toch

zoon, als

uw

kind.

of als vrienden verbonden

Niet slechts in raadselen, maar als mensch op aarde. Vandaar dat onruswezen kenmerkt. Zie hem diep in het oog, ziel.

raadsel wandelt de

tige dat geheel zijn

en

o,

vader! aan wie ge

zijt,

immers de

in

dien blik

ligt

een tastend zoeken: bespied

hem

eenzaamheid, en immers een angstige vraag schijnt op

lippen bestorven te

gevonden,

dan

bezig-doen het

wordt

zijn.

alles

Heeft

hij

onrustig

beklemmende van

van rust

een' oogenblik in

hem,

om

door een

die rust te verdrijven.

17

Willoos

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's

Twaalftal leerredenen - pagina 257

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's