Twaalftal leerredenen - pagina 83
(eerste en tweede zestal)
83
SCHULDBESEF.
zoo
niet
schuld gij
de
zondig
uw
uit
uw
vreeselijker
van het kroost dat na u komt en dat
lendenen hebt geteeld.
u aan de menschheid te houden mensch te
Neen, de band die
bindt, kunt ge niet verbreken zonder op
met haar
zijn,
met haar hebt ge
meen,
en wat zou het u
;
ellende op het voorgeslacht te
dan immers de misschien nog
ge
inkoopen
zoudt
driemaal Heilige
van
schuld
daar
schuiven,
den
voor
zijn
om
baten
ge dus één en lotge-
zijt
haar smet u
te deelen:
uw
aderen, haar schuld een erfschuld ook voor
de
zelf in
eigen
—
ziel,
of verloren voor u de erfzegen die uit Christus voor de mensch-
heid vloeit:
Adam
in
staan:
gemeenschap
lossing
verbeurd,
voor
wie
al
De
dus
verder uit het oog, M. H.
al
afdolingen
zelfs
kunnen
niet
borgen diepte van ons hart eerst
bewust,
welt en
drijft
als
ligt,
uit
het naar boven
Om
zijn,
bij
ons
immers dan
zich vertoont, op-
dus geheel de som der zou elke zonde,
te zijn,
door ons moeten bedreven worden,
zou het verderf in ons geheel moeten ons moeten
door
dus
we de verte Wat in de ver-
wij ons
komt en
ons hart bewust
van
waarvoor we vatbaar geheel
we
daar
!
verstaan.
worden
op de oppervlakte.
ongerechtigheid
zonde
ver-
stem der erfschuld
zich de
bewuste zonden verliezen
van
grenslijn
onzer
spreekt
de diepte der zonde ingaat.
in
schuldgevoel
gevallen of in Christus niet weer opge-
van schuld, of de gemeenschap der
uitgisten,
en de
voleind worden.
weg
der
Voorts, het
schuldgevoel heeft een oneindige strekking en kan daarom niet
bewust
Wie de zonde
zijn.
leven en
wezen der zonde.
rijkdom
van
wortelen leeft,
—
de
levens
als in
zijn
in zich op, zijns
onmetelijke
neen,
levens
inhoud
in
gemeenschap aan het
eigendom
Christus
maar
bezit,
omdat
en
uit Zijn
uitslaat
zoo neemt ook de zondaar niet
van zonde wortelen
Christus
zijns
doet, heeft
Gelijk dus de Christen geheel den
de
leven
maar een zekere mate
hij leeft uit
de zonde,
de diepten der zonde
der
hij
zonde behoort
uit,
hij slaat
de
en geheel
hem dus toe. Ge uw hart wonen,
hebt niet maar te doen met de zonden, die in neen,
maar
in
uw
hart
is
slechts de opening
van dien onpeil-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879
Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879
Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's