Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Twaalftal leerredenen - pagina 199

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Twaalftal leerredenen - pagina 199

(eerste en tweede zestal)

2 minuten leestijd

HET KRUIS VAN CHRISTUS HET LEVENSIDEAAL.

uw

van

199

eigen kruis tot het kruis van Jezus Christus, opdat ge

roem moogt hebben dan in Hem. 0! dat alleen is bekeering, Gel., niet maar een aandoening des gevoels, niet maar de voorhuid met de besnijdenis verwisseld, maar de wereld te haar te plaatsen, waar laten omkeereu in uw eigen schatting geen

:

Christus had

den

zij

gesteld, en Zijn kruis te planten op die

hoogte der eere, waarop ge voor u zelven van een troon gedroomd hadt. Dat

is

bekeering, niet een veranderen van toon, levenswijs en

omgang, neen maar, den canon der wereld stuk slaan op het kruis

om

van Christus, voor

O

en

»lijf

kost

dat

!

we nog

zijn

dat en dat alleen als eenig geldenden canon

voor leven en voor sterven,"

ziel,

het.

Naar den

mogen we nog

zoo goed,

hart wel wil,

weet

veel, ik

aanvaarden.

te

regel der wereld

zooveel dat ons zondig

en naar dien regel van Christus

onverbiddelijk geoordeeld, geoordeeld

met

al het

we

zijn

zoo

begeeren van

ons hart. Maar toch, wat Christus niet terug,

vervuld

ik u bidde, ga daarom van het kruis van want daar, daar alleen wordt u de heilige belofte

dat over dezulken zijn zal, vrede en barmhartigheid, als

:

over het Israëls Gods! „ Vrede" want uit levensraadsel opgelost,

nen

bezworen.

uw

dan

is

uw

Maar ook „Barmhartigheid", want

Barmhartige, weet wat het ons kost, af te snijden, scheen,

leven

werpen

nederziet,

maakt

een

fontein

Hij

al

Hij,

de

wat ons

we ons wentelen ons

van

op ons

als Hij

in het bloed onzer ziele,

dat kruis tot een poorte des hemels, tot

overvloeiende

genade,

en

uit

eeuwig

Zijn

de Ontfermer, ons toevloeien, beken van stroomen des eeuwigen levens. Dat kruis is Zijn barmhartig-

koningrijk,

heid, en •fijnste

doet

daarom

bij

alleen aan den voet van dat kruis kunt ge

„Israël

Gods",

dat kruis gedoopt wordt.

band, die

vaderland Israëls

Hij,

met de

geuren zijner eeuwig-bloeiende genade worden verkwikt.

En nu dan: ge

het

geloovende, en niets dan geloovende, ons te

terwijl

dan

heil,

om

den dood Zijns Zoons. En daarom,

in

strijd,

schuld verzoend, en de onrust daarbin-

hem aan te

luidt

de naam, waarmee afsnijden elkeu

de wereld bond, om, geloovende, het betere

hebben,

stamvader,

dus

Want immers,

den

was de ontzettende » Vader

eisch, die

ook aan

der geloovigen" gesteld was.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's

Twaalftal leerredenen - pagina 199

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's