Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Twaalftal leerredenen - pagina 224

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Twaalftal leerredenen - pagina 224

(eerste en tweede zestal)

2 minuten leestijd

;

224

GODSDIENST

EN

ZEDELIJKHEID.

onzer dagen, dat pleit in den vorm te gieten, dien u de

strijd

tusschen »godsdienst en zedelijkheid" biedt.

Die

gelijk gij weet, in

strijd schuilt,

volstrekten

antwoordelijkheid te rijmen. souvereine

oppermacht,

dan

in

er

is

almacht derhalve

men, een

Of wel:

zijn.

er in ons schuld

is

Men

wil

der zedelijkheid aan den godsdienst

zijn

ons zedelijk leven haar grens.

in

eere rooven, óf de kroon van den godsdienst onge-

schoonste

schonden

laten,

van schuld derhalve,

er in God, zoo zegt

Is

zedelijke vrijheid bezitten, en vindt God's

redding

tot

den

ons geen vrijheid, maar kan er in den mensch

dan moeten we ook óf

om

ook over ons zedelijk leven gaat,

die

ook van schuld geen sprake

dus,

de moeilijkheid,

den godsdienst met onze zedelijke ver-

van

eisch

maar

om

men ophoude Een gebroken almacht Gods

slechts op voorwaarde, dat

den mensch

in

te

spreken.

het schuldbesef in het hart te redden, of die almacht

ongebroken, maar dan ook de schuld vernietigd, zóó staat het

eeuw vermoeit. woord van

ontzettend vraagstuk, dat het denken onzer

En

nu, dat geen ander dan ditzelfde pleit in het

onzen

tekst

wordt,

beslist

een aandachtige lezing u aan-

zal

stonds doen zien. Immers, beiden, én de volstrekte inwerking van

Gods almacht op ons delijkheid

zedelijk leven, én de volstrekte verantwoor-

van den mensch voor

worden uitgesproken, dan het

Niets toch

keering,

in

goede

rein

Heer,

worden."

die het

van

zegt

Jehova.

door

's

want

Ik,

Niet

Uit

Hem,

van zonde

na

Israëls be-

Heeren Geest

's

reinigt

want

water op u sprengen, en niet

al

uw

uit Israël

aftrekt;

zal

het

zal

want

drekgoderi uit

in

niet uit Israël zal

die

door een beweging

macht

zal er,

zijn,

Hem,

van

dat niet

rein

boezemzonden

en

Heeren zoo

zal

Uit

zijn

onreinigheden

zijn,

Israël wrocht.

de boete en verzoening de

zonde, kunnen niet beslister

zoo spreekt Jehovah

Israël ten

het hart van Zijn

spreekt

zijn

EzechiëTs Godspraak geschiedt.

in

Ik

»Ik, zult

gij

de kracht

ziet,

zal

;

»van

zijn,

al

uw

u reinigen,"

maar worden

Israël's hart,

volk Gods bekeerd

heet het wederom, »Ik zal het steenen hart

uit

u wegnemen, en Ik zal u een vleeschen hart geven, Ik zal geven een nieuw hart en een nieuwen geest in het binnenste

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's

Twaalftal leerredenen - pagina 224

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1879

Abraham Kuyper Collection | 273 Pagina's