"Ons program" - pagina 111
»BIT
haudhaven
maar
,
DE GRATIE GODS."
dit is een inconsequentie
de gevolgen van zijn eigen
Het dringen en
drijven
stelsel
men den
Eerst heeft
een nog terugdeinzen voor
;
en een vasthouden aan den ouden
;
van dien kant
op de heerschappij van den eed af
iets
95
is
sleur.
dan ook, om telkens weer
te dingen.
eed geknakt door de aflegging er van zoo plomp
en oneerbiedig mogelijk te maken.
Toen door hem zoo
dikwijls te herhalen
heidspersonen een zinledige formule
En nu
men
is
reeds
er
hankelijk te stellen,
of
dat
hij
voor
van over-
tal
geworden.
is
het van ieders goeddunken af-
aan toe,
men den
,
eed nog aan wil houden of
hem
laten
vervallen.
Wint men nu
in onze
proces en wordt het beginsel van »eed of belofte",
dit
wetgeving ingevoerd, ook doorgevoerd, dan
ongemerkt den eed
men ook
in onbruik
dit overblijfsel
brengen
zal het
en de dag komende
,
van vroegere bekrompenheid
uit
gebruik
zijn
dat
,
onze wetgeving
overbrengt naar de bewaarplaats van onze historische antiquiteiten.
Dat het, komt
dan ook met den
er niets tusschen beide, dezen loop
nemen moet,
eed
volgt uit het liberalistische beginsel.
Reeds daarom wijl in een staatsrecht, dat »met God niet te rekenen"
uitgangspunt kiest,
tot
een
uiteraard
het
inlasscheu van
ongerijmdheid, een innerlijke tegenspraak, en
klinkklare
een vergrijp tegen de harmonie van het geheel
Maar ook nog om een andere Immers Staat in
's
en
we toonden
,
gaat
vrijen
daarom
heeft
uit
altijd
menschen
is.
reden.
het meermalen uitvoerig aan
van
het contract. Het
wil.
Het
ook
,
naam
een beroep op Gods
zyu uitgangspunt
eert het geestelijk vaderschap
ons
bij
kiest
de liberalistische
:
lande
te
,
van Pelagius
den Remonstrantschen
,
d.
i.
half-Pelagiaanschen Huig de Groot tot wetenschappelijk patroon.
Door contract ontstond de Staat. Door contract de contract
huwelijk. Door
het
contract de
o
verheid. Door
dienstbetrekking. Door
contract wat niet al 's
Menschen wil en woord
dingen, en nu voelt
men
aan
zijn
wilsuiting,
gewicht
en dan
te
d.
hechten
,
dus voor dezen Staat de oorsprong
toch, dat het niet aangaat, aan
woord,
in
dat
's
aller
menschen
eenerzijds een zoo alles beheerschend
dat er elke rechtsbetrekking uit geboren wordt
den anderen kant,
aan
wantrouwen
i.
is
woord van
,
—
in
ondergeschikte belangen, zulk een
den
raensch te betoonen, dat het nog
de bevestiging behoeven zou door een eed. In zooverre slechts
onze
nog dulden
,
Grondwet en ons staatsrecht dan ook den eed
maar
er zelfs
den band tusschen den koning en
niet zijn
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's