Open brief aan Dr. A. Kuyper, hoogleraar aan de Vrije Universiteit op gereformeerden grondslag, en redacteur van "De Heraut", alsmede aan de "Heraut"-lezers en alle gereformeerden in den lande - pagina 60
60
Dat de Geref. Universiteit de strekking heeft om de C. G. Kerk en hare Theol. School tegen te honden, en, ware 't mogehjk, hare oplossing voor te bereiden C.
—
na
is,
het gezegde, spoedig bewezen.
al
Dr. K. heeft nog nooit herroepen wat
—
en later
Bijl.
dat de C. G.
schreef:
meer
niet
zie
Is
f
dat
voor
huis,
het
Nog
hcvocgd
de
helft
bv.
moet worden be-
x^rooisoriimi'''
teverruilen, zoodra
om
is
kleinere
negen jaren
een loods, een hulpkerk, straks
iets,
onlangs heeft „de Heraut"
Kerk nkt slechts
Kerk
de
een
„als
zij
schouwd; een voorloopig
is.
v(5ór
hij,
—
VI tot veler verbazing en ergernis, Kerk „Be Gereformeerde Kerk was^ doch
.
.
.
maar gereed
die
ons herinnerd, dat de C. G.
't
de Belijdenis te herzien; dat
wachten op de samenvoeging met de andere, grootere, vóór eenige jaren,
Gelijk
goed
is
doen uitkomen dat
te
„de scheiding" vertegenw^oor-
wij
En
zijn.
„afgescheiden" predikant, aan Ds.
ding van dien aan Ds. Beuker, te
reeds uit den bijnaam
gegeven, in onderschei-
L.
der „Chrisf.
pred.
die
A. wordt genoemd, zou te bewijzen
„afgescheiden"
ook goed
iets
min vereerends
te verklaren.
helft.
K. ook thans weer druk bezig
digen, het „gescheiden element"
Gem.
zij
van het lichaam uitmaakt, en moet
en gezien hebben
ziet
Geref.''''
dat K. in dat
zijn
wil.
't
Is
Als de Herv. broeders den y^e^ der gehoor-
zaamheid alleen aan Christus opgingen, dan zou die noodwendig
op actieve of passieve „scheiding" uitloopen, en dat zou, het de
weg tevens
een spaak in het wiel die
zijn
al
ware
van de echte „Gereformeerden"
tot vereeniging
van de Universiteit en van
al
de „idealen,"
haar moeten voeden en van haar geduldig de verwezenlij-
king beiden. Juist omdat komen, en onze beginselen
die
in
broeders de
ons
banier
aan te durven in de praktijk, waartoe God ons wil verwaardigd heeft; juist
hadden
ze
ook nog zooveel
daarom liefde
zooveel lof voor onzen arbeid;
tegenstanders"
zijn
op
l-erlclijk
of
Ixmi
het meest
nabij
schrijven, zonder ze
om
Zijns
Naams
het niet anders;
al
tot
onze personen en nog
zij
moeten onze „zwaarste
gebied,
gelijk
Geeteha
nog
onlangs herinnerde en de ervaring overal, waar onder de Her-
vormden
ijver
voor de leer der waarheid zonder
feitelijke
ge-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 88 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 88 Pagina's