Bede om een dubbel "Corrigendum," aan A.W. Bronsveld - pagina 19
,
ir»
gronden
staven," dat
te
wachten
lieusch wel
U
er
zal,
gaarne de vingers brand, mij
niet
mij
die
ik,
mijn oordeel over te zeggen.
Ik bepaal mij dus voorzichtigheids- en kortheidshalve tot de aange-
U
en ga
haalde zinsneê
aantoonen, hoe in elk harer regelen de
rechten
der wetenschap, zoo wat methode als inhoud aangaat, zijn miskend.
stemt het mij voetstoots
Wetenschappelijk, Gij
methode, die nooit missen tot een
dan
anders
een
onwraakbare prae-
oordeel concludeert.
stellig
Iemand, die op
toe, is alleen zulk
uit zekere, stellige en
hem bleef,
dat nog „een vraag" voor
iets
„grondig onderzocht" was, een
en nog nooit
ging bouwen, zou zondigen tegen de
stelsel
methode
eerste beginselen die door een wetenschappelijke
van redeneeren
geëischt worden.
Anders
handelen
te
is
de wetten der logica voor niets rekenen, en
^non audiendus qui ex
een
eer ta faciat condiis ion em'' zon de
ad
dubiis
welverdiende „nota academica''' geweest
zijn,
die de
man
wien op
beliep,
wetenschappelijk erf zulk een onverklaarbare vergissing overkwam.
En
wat deedt Gij anders?
toch,
Gij begint
een vraag
mag
—
aanstellen.
vraag
om
met klaar en
bij
is
duidelijk uit te spreken, dat het voor
U nog
of een particuliere vereeniging al dan niet een hoogleeraar
is,
Immers
mij gerezen
:
Gij
met even zoovele woorden:
schrijft
,,De
heeft wel een vereeniging als deze het recht,
eene universiteit te stichten, professoren te benoemen enz.?"
hebt op
Gij
hoogstens,
Ge
laat
dat
er
ze
ontkennend
op volgen
antwoord gereed, maar vertnoedt
vraag nog geen
die
:
„
zal
Bedrieg
dat alleen de Staat en de
Zoo toch
kunnen beantwoord worden. mij
ik
niet,
Kerk bevoegd
dan
zijn,
is
om
er veel voor
te
zeggen
tot zulk een stichting
over te gaan en zulk een radikaal uit te reiken." Ja, zekerheid
dat
Ge
eindig-t
tot
uit te spreken:
een universiteit stichten
eigenlijk
Ge
aangaande deze gewichtige quaestie hebt Ge nog zóó weinig,
met den wensch
ziet
?
bleef voor
aanvang
U
en voor wat
U
wie mag-
U
bedoelde
bevoegd dan wel onbevoegd was
een „vraag" aan het eind, gelijk het
was,
:
eens grondig mocht besproken worden."
dus: de quaestie of een vereeniging als de door
benoemen van hoogleeraren
het
„dat de yraa^
U
een „vraag"
bij
den
aangaat, moest het „grondig" onderzoek
van deze quaestie nog beginnen.
Geen
twijfel dus, of de major,
trekken, was, volgens
uw
waaruit Ge een conclusie wenschtet
ew/e« bekentenis
,
nog owvast, onzeker en
te
o?ebe-
wezen.
En zegt
.
toch
uitspreekt
niettegenstaande
en
tot
driemaal
Ge toe
dit zelf
herhaalt
.
met uw eigen woorden kondt Ge
er toch toe
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 48 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 48 Pagina's