"Ons program" - pagina 162
I'.UDGKTWKIGERING.
140
Een wet toch, bod
dit gevoelt ieder,
verbod, waardoor
of
een rechtsbepaling,
is-
een nog
dan ge-
'tzij
rechtsverhouding
onzekere
den
in
lande blijvend geregeld wordt. zooals onze begrootingswetten
Maar een wet,
de crediet wetten voor
bi)
Wat
voor een »wet"?
voor een »wet" ooit
en wie
o-even,
man
één enkel
En
zijn
met een »wet"
heeft dat
bij
voor wie wordt dan die »wet" als wet nog ge-
in Nederland,
t.
nog eens wet maken
de Grondwet
maken? VV at kan dat
Antwoord:
wetsscheunis de strafbare personen?
w. de betrokken minister.
wat nog dwazer en ongerijmder
gevallen
te
dat
is
anders dan de belachelijke fictie zijn?
let er op,
Bovendien,
voor één jaar, of zooals
,
en twintig weken, in trouwe, wat
vijf
is,
wet komt dan in
die
wat reeds wet was,
van
tal
of zelfs reeds in
stond, als b. v. in de begrootingswet nogmaals zes ton
hem
aan den Koning wordt toegekend, die
was
reeds gewaarborgd
bij
onze eerste wet van Staat.
We
dan ook geen oogenblik het
aarzelen
spreken, dat onze
uit te
tot
wet
maakt, missen, en niets anders dan besluiten van de Staten zijn,
maar
schier
begrootingswetten
kenmerk van wat een
elk
men, om de valsche deeling der machten
die
wetsvorm gegoten
ure in den
»wet"
houden,
vol te
kwader
te
heeft.
derhalve te verdwijnen, en ze zal dit vanzelf,
Ook
deze
fictie
zoodra
men
in ons publieke recht weer erkennen zal, dat onze Staten-
Generaal o-een
van het volk"
»
dient
Wetgevende Kamers", maar
»
Staten ter representatie
zijn.
Dringt eenmaal weer het besef door, dat volk en overheid
dan
zal
naast, en desnoods tegenover het staat, of, wil
men,
onderscheiden
zijn,
van het volk oorsprong
in
blijven tot
»
dat
»
Koning" en
»
een
zullen
Huis
Staten" niet slechts
einde toe onbekwaam
maar ten
dino-
nog aanwijzing
dat van
?
— zullen deze Staten
hun competentie
dan
niet 'langer,
gelijk
nu,
in een wetsartikel, maar ook tot
besluit
Staten
is,
kort en
,
verhandelen en be-
van
naar
buiten
mijn land!
slechts
den Koning
kunnen spreken, en verzetten
door
zich
als
tegen
dit
's
Konings
in eenzelfstan-
de Koning vraagt:
mijn voorgenomen
huwelijk geen nationale belangen?" dan zullen die Staten zelven de
bij,
zonder zich langer door den fictieven wetsvorm te laten binden.
mond dig
behoeft het
over alle
sluiten
Ze
Paleis van de Kroon,
zijn,
vermenging van hun macht en hun arbeid.
En dan o-oed
twee
men ook ongedwongen weer tot het inzicht komen, dat er
Koning voor hen,
Almachtig zegene
uw
in het
Staatsblad zeggen: »Neen,
echt!"
En
evenzoo
als
,
en niet
Sire!
God
de Koning door zijn mi-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's