"Strikt genomen" - pagina 137
het recht tot universiteitsstichting, staatsrechtelijk en historisch getoetst
WAS ER OORZAAK
U
Uwe
en
vrienden
toen
weer
niet
saamspreking
tot
uitnoodigden,
aan Uzelven ter beslissing.
laat ik
In 1875
ge wel terdege nitgenoodigd
zijt
om met
geweigerd
vorm ingekleed,
Wat
ons
spreken;
te
maar
ons dan hope hebben kunnen
zon
hebt Ge niet alleen
en
;
die weigering zelfs in een
die afstiet en schrijnde.
willender bescheid zonden ontvangen
we ons
wat zouden
brak,
139
?
volkomen
daar,
geven,
En waar
?
we thans wel-
dat
hope volstrekt ont-
die
opnieuw
doelloos,
aan
een
onvriendelijke weigering hebben blootgesteld!
Amice, dat gaat toch zoo
wijls
Ge
verwijt
Altijd
we saamwerking Denk nog maar
niet.
we
ons, dat
zoeken, stoot
U
er
niet bij
Ge ons
vragen
en zoo dik-
;
af.
waarmee Ge de Gerefor-
eens aan het antwoord,
meerde Commissie van advies bedroefdet. Nauwlijks
vormen der humaniteit naamt Ge tegenover
de
die
U
zoekende broederen in acht!
En eenmaal
al
evenmin moogt Ge
tot
stichting overgaande, den
er ons een verwijt
van maken, dat we,
Koning verzochten, ons
te
erken-
nen onder den Gereformeerden naam.
Want mag
Ge
weet
Zelf
vragen, indien die
het
Uw
uit
naam
niet
goed
is,
welk be-
?
vergadering met de overledene Commissie
en de niet beter gelukte Aanvullings-commissie, hoe wanho-
varf advies
pend
U
ik
hadden we dan moeten belijden
ginsel
saamvangt,
om een om saam
én
is,
én
formule te
te
vinden, die allen onder één hoed
werken met
mannen,
elk een eigen
die
standpunt innemen.
Eer we een stap ginsel dus
ruiterlijk
partijmannen wilden
noch
verder konden komen,
en eerlijk zijn,
en niet
bij
ook een eigen schooltje wilden
eens uit de
bodem
een
hoofd voor die
belijdenis der
En
opklimmen
overmits
man van naam
vormen
afloopende wateren van het
der objectiviteit wilden
moest de quaestie van
uitgemaakt.
zijn
;
maar
be-
we nu geen
wilden zweren,
eindelijk,
eindelijk
subjectivisme, naar den vasten ;
zoo bogen
we
eerbiedig het
waarheid, die de H. 'Geest, met
name
in
deze landen, ons als haar zuiverste openbaring, door het orgaan der kerke
Gods had getoond. Vroeger oordeelde ik zoo
Ook belijden
Al
ik
heb
eertijds
Uw
niet.
droom van een min scherp gedefinieerd
meêgeclroomd. de
opgegaan.
heerlijkheid
van het Gereformeerde leven was mij nog niet
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 214 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 214 Pagina's